BWBR0022394
Geldig vanaf 2007-08-18
Artikel 3
Subsidieregeling internationale innovatieprojecten 2007 en 2008
1. Als subsidiabele kosten worden uitsluitend kosten in aanmerking genomen die zijn gemaakt en betaald door in Nederland gevestigde deelnemers in een internationaal innovatie-samenwerkingsverband.
2. Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagtde subsidie voor een ondernemer, in afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de kaderregeling, 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt met 10 procent verhoogd indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.
3. Het in artikel 3, vierde lid, van de kaderregelingbedoelde bedrag is € 1 miljoen.
4. De in artikel 21 van de kaderregelingbedoelde penvoerder is een in Nederland gevestigde ondernemer.
5. Artikel 4 van de kaderregelingis van overeenkomstige toepassing.
6. Het in artikel 12 van de kaderregelingbedoelde subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor internationale innovatieprojecten op aanvragen die ontvangen zijn in:
a. de in artikel 6, onder a, bedoelde periode, bedraagt € 5.600.000 voor de categorie internationale innovatieprojecten, niet zijnde automotive-innovatieprojecten, en € 3.360.000 voor de categorie automotive-innovatieprojecten;
b. de in artikel 6, onder b, bedoelde periode, bedraagt € 6 miljoen;
c. de in artikel 6, onder c, bedoelde periode, bedraagt € 6,5 miljoen.
7. Indien het in het zesde lid, onderdeel a, bedoelde subsidieplafond voor de categorie automotive-innovatieprojecten is uitgeput, worden aanvragen om subsidie voor automotive-innovatieprojecten waarop niet op grond van artikel 15 van de kaderregelingof artikel 2, derde lid, afwijzend wordt beslist, voor de toepassing van deze regeling beschouwd als aanvragen om een subsidie voor internationale innovatieprojecten niet zijnde automotive-innovatieprojecten.
8. Indien het in het zesde lid, onderdeel a, bedoelde subsidieplafond voor automotive-innovatieprojecten niet wordt uitgeput, wordt het resterende deel toegevoegd aan het in dat onderdeel genoemde subsidieplafond voor internationale innovatieprojecten, niet zijnde automotive-innovatieprojecten.
2. Indien de subsidiabele kosten betrekking hebben op industrieel onderzoek, bedraagtde subsidie voor een ondernemer, in afwijking van artikel 3, eerste lid, onderdeel b, van de kaderregeling, 35 procent van de subsidiabele kosten. Dit percentage wordt met 10 procent verhoogd indien subsidie wordt verleend aan een MKB-ondernemer.
3. Het in artikel 3, vierde lid, van de kaderregelingbedoelde bedrag is € 1 miljoen.
4. De in artikel 21 van de kaderregelingbedoelde penvoerder is een in Nederland gevestigde ondernemer.
5. Artikel 4 van de kaderregelingis van overeenkomstige toepassing.
6. Het in artikel 12 van de kaderregelingbedoelde subsidieplafond voor het verlenen van subsidies voor internationale innovatieprojecten op aanvragen die ontvangen zijn in:
a. de in artikel 6, onder a, bedoelde periode, bedraagt € 5.600.000 voor de categorie internationale innovatieprojecten, niet zijnde automotive-innovatieprojecten, en € 3.360.000 voor de categorie automotive-innovatieprojecten;
b. de in artikel 6, onder b, bedoelde periode, bedraagt € 6 miljoen;
c. de in artikel 6, onder c, bedoelde periode, bedraagt € 6,5 miljoen.
7. Indien het in het zesde lid, onderdeel a, bedoelde subsidieplafond voor de categorie automotive-innovatieprojecten is uitgeput, worden aanvragen om subsidie voor automotive-innovatieprojecten waarop niet op grond van artikel 15 van de kaderregelingof artikel 2, derde lid, afwijzend wordt beslist, voor de toepassing van deze regeling beschouwd als aanvragen om een subsidie voor internationale innovatieprojecten niet zijnde automotive-innovatieprojecten.
8. Indien het in het zesde lid, onderdeel a, bedoelde subsidieplafond voor automotive-innovatieprojecten niet wordt uitgeput, wordt het resterende deel toegevoegd aan het in dat onderdeel genoemde subsidieplafond voor internationale innovatieprojecten, niet zijnde automotive-innovatieprojecten.