BWBR0021770
Geldig vanaf 22-10-2006
Artikel 10
Besluit organisatie, mandaat, volmacht en machtiging NZa
1. Van de in dit besluit verleende bevoegdheden zal geen gebruik worden gemaakt indien er sprake is van een kwestie waarbij het in de rede ligt dat de RvB daarin zelf handelt c.q. besluit. In dat geval zal degene aan wie de bevoegdheid is verleend, zorgen dat de kwestie aan de orde wordt gesteld binnen de RvB.
2. Ondermandaat, ondervolmacht en verdere machtiging is alleen mogelijk op grond van een in dit besluit opgenomen bevoegdheid daartoe.
3. (Onder)mandaat, (onder)volmacht en (verdere) machtiging vindt altijd plaats binnen het door de RvB vastgestelde werkprogramma en de door de RvB vastgestelde begrotingsbudgetten, alsmede binnen de kaders van door de RvB vastgesteld beleid.
4. Ingeval sprake is van plaatsvervanging bij afwezigheid of ontstentenis van degene aan wie een bevoegdheid is toegekend, geldt het in deze regeling genoemde mandaat/de volmacht of machtiging voor de plaatsvervanger van degene aan wie de bevoegdheid is toegekend.
2. Ondermandaat, ondervolmacht en verdere machtiging is alleen mogelijk op grond van een in dit besluit opgenomen bevoegdheid daartoe.
3. (Onder)mandaat, (onder)volmacht en (verdere) machtiging vindt altijd plaats binnen het door de RvB vastgestelde werkprogramma en de door de RvB vastgestelde begrotingsbudgetten, alsmede binnen de kaders van door de RvB vastgesteld beleid.
4. Ingeval sprake is van plaatsvervanging bij afwezigheid of ontstentenis van degene aan wie een bevoegdheid is toegekend, geldt het in deze regeling genoemde mandaat/de volmacht of machtiging voor de plaatsvervanger van degene aan wie de bevoegdheid is toegekend.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0021770
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl