BWBR0021092
Geldig vanaf 2012-10-29
Artikel 5
Vrijstellingsregeling LVR
1. Het uitvoeren van een SAR-vlucht of politievlucht buiten de daglichtperiode, bedoeld in artikel 44, eerste lid, onderdeel a, van het Luchtverkeersreglementis toegestaan indien wordt voldaan aan de volgende voorschriften:
a. de helikopter is voorzien van de uitrusting, bedoeld in JAR-OPS 3, subpart K, Instruments and equipment en subpart L, Communication and navigation equipment voor zover betrekking hebbend op het vliegen buiten de daglichtperiode;
b. de gezagvoerder voldoet aan de eisen in Appendix I, JAR-OPS 3.005 (d) (c) (3) para’s (ii), en (iii); en aan JAR-OPS 3, subpart N, ‘Flight Crew’;
c. een SSR-transponder met de Mode S wordt gebruikt, ongeacht de classificatie van het luchtruim of de vlieghoogte;
d. voor het uitvoeren van de vlucht is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;
2. De voorschriften, bedoeld in het eerste lid, onderdelen c en d, zijn van overeenkomstige toepassing op HEMS-vluchten buiten de daglichtperiode.
a. de helikopter is voorzien van de uitrusting, bedoeld in JAR-OPS 3, subpart K, Instruments and equipment en subpart L, Communication and navigation equipment voor zover betrekking hebbend op het vliegen buiten de daglichtperiode;
b. de gezagvoerder voldoet aan de eisen in Appendix I, JAR-OPS 3.005 (d) (c) (3) para’s (ii), en (iii); en aan JAR-OPS 3, subpart N, ‘Flight Crew’;
c. een SSR-transponder met de Mode S wordt gebruikt, ongeacht de classificatie van het luchtruim of de vlieghoogte;
d. voor het uitvoeren van de vlucht is een tweezijdige radioverbinding tot stand gebracht met de betrokken luchtverkeersdienst en wordt voortdurend op de aangewezen radiofrequentie geluisterd;
2. De voorschriften, bedoeld in het eerste lid, onderdelen c en d, zijn van overeenkomstige toepassing op HEMS-vluchten buiten de daglichtperiode.