BWBR0020413
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 8
Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft
1. De gegevens, bedoeld in artikel 2:12, vierde lid, van de wetzijn:
a. een opgave van de naam, het adres en het telefoon- en faxnummer van de bank;
b. een opgave van de rechtsvorm van de bank;
c. indien de bank een rechtspersoon is, een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of handelsnamen;
d. indien de bank is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
e. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
f. een opgave van activiteiten die de bank voornemens is te verrichten;
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de in dat artikel bedoelde personen;
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de in dat artikel bedoelde personen;
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
k. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening , bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet;
l. indien van toepassing, een beschrijving van het geconsolideerde toezicht, bedoeld in artikel 3:31 van de wet;
m. bescheiden waaruit het eigen vermogen, bedoeld in artikel 3:53, eerste lid van de wet en de te verwachten solvabiliteit, bedoeld in artikel 3:57, eerste lid, van de wet en liquiditeit, bedoeld in artikel 3:63, eerste lid, van de wet blijken;
n. indien van toepassing: 1°. een opgave van de identiteit van de houders van een gekwalificeerde deelneming als bedoeld in artikel 3:95 van de wet en de omvang van die deelnemingen of, bij gebreke van gekwalificeerde deelnemingen, van de twintig grootste aandeelhouders of vennoten;
2°. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:99 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar die op grond van zijn gekwalificeerde deelneming het beleid van de betrokken onderneming zou kunnen bepalen of mede bepalen of zou bepalen of mede bepalen; en
3°. bescheiden waaruit de financiële positie en de juridische groepsstructuur van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar blijken; en
1°. een opgave van de identiteit van de houders van een gekwalificeerde deelneming als bedoeld in artikel 3:95 van de wet en de omvang van die deelnemingen of, bij gebreke van gekwalificeerde deelnemingen, van de twintig grootste aandeelhouders of vennoten;
2°. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:99 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar die op grond van zijn gekwalificeerde deelneming het beleid van de betrokken onderneming zou kunnen bepalen of mede bepalen of zou bepalen of mede bepalen; en
3°. bescheiden waaruit de financiële positie en de juridische groepsstructuur van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar blijken; en
o. indien de bank een dochtermaatschappij is van een bank met zetel in een andere staat: een verklaring van de toezichthoudende instantie van de staat waar die bank haar zetel heeft of de Europese Centrale Bank, waaruit blijkt dat deze toezichthoudende instantie of de Europese Centrale Bank goedgekeurd heeft dat laatstbedoelde bank een dochtermaatschappij heeft die voornemens is in Nederland het bedrijf van bank uit te oefenen.
2. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, zijn:
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
b. een curriculum vitae;
c. een opgave van de relevante diploma’s;
d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
e. een opgave van referenten.
3. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel h, zijn:
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit; en
d. een opgave van referenten.
4. Het eerste lid, onderdelen h en n, onder 2°, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wetdoor een toezichthouder reeds is vastgesteld.
a. een opgave van de naam, het adres en het telefoon- en faxnummer van de bank;
b. een opgave van de rechtsvorm van de bank;
c. indien de bank een rechtspersoon is, een opgave van de statutaire zetel, de statutaire naam en de handelsnaam of handelsnamen;
d. indien de bank is ingeschreven in het handelsregister, een opgave van het nummer van inschrijving;
e. indien aanwezig, een gewaarmerkt afschrift van de statuten;
f. een opgave van activiteiten die de bank voornemens is te verrichten;
g. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:8 van de wet is bepaald met betrekking tot de geschiktheid van de in dat artikel bedoelde personen;
h. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:9 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de in dat artikel bedoelde personen;
i. een beschrijving van het voorgenomen beleid met betrekking tot de integere bedrijfsuitoefening, bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, van de wet;
j. een beschrijving van de zeggenschapsstructuur aan de hand waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan artikel 3:16 van de wet;
k. een beschrijving van de inrichting van de bedrijfsvoering met betrekking tot de beheerste en integere bedrijfsuitoefening , bedoeld in artikel 3:17, eerste lid, van de wet;
l. indien van toepassing, een beschrijving van het geconsolideerde toezicht, bedoeld in artikel 3:31 van de wet;
m. bescheiden waaruit het eigen vermogen, bedoeld in artikel 3:53, eerste lid van de wet en de te verwachten solvabiliteit, bedoeld in artikel 3:57, eerste lid, van de wet en liquiditeit, bedoeld in artikel 3:63, eerste lid, van de wet blijken;
n. indien van toepassing: 1°. een opgave van de identiteit van de houders van een gekwalificeerde deelneming als bedoeld in artikel 3:95 van de wet en de omvang van die deelnemingen of, bij gebreke van gekwalificeerde deelnemingen, van de twintig grootste aandeelhouders of vennoten;
2°. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:99 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar die op grond van zijn gekwalificeerde deelneming het beleid van de betrokken onderneming zou kunnen bepalen of mede bepalen of zou bepalen of mede bepalen; en
3°. bescheiden waaruit de financiële positie en de juridische groepsstructuur van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar blijken; en
1°. een opgave van de identiteit van de houders van een gekwalificeerde deelneming als bedoeld in artikel 3:95 van de wet en de omvang van die deelnemingen of, bij gebreke van gekwalificeerde deelnemingen, van de twintig grootste aandeelhouders of vennoten;
2°. gegevens op basis waarvan de Nederlandsche Bank kan beoordelen of voldaan wordt aan hetgeen ingevolge artikel 3:99 van de wet is bepaald met betrekking tot de betrouwbaarheid van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar die op grond van zijn gekwalificeerde deelneming het beleid van de betrokken onderneming zou kunnen bepalen of mede bepalen of zou bepalen of mede bepalen; en
3°. bescheiden waaruit de financiële positie en de juridische groepsstructuur van de aanvrager of houder van een verklaring van geen bezwaar blijken; en
o. indien de bank een dochtermaatschappij is van een bank met zetel in een andere staat: een verklaring van de toezichthoudende instantie van de staat waar die bank haar zetel heeft of de Europese Centrale Bank, waaruit blijkt dat deze toezichthoudende instantie of de Europese Centrale Bank goedgekeurd heeft dat laatstbedoelde bank een dochtermaatschappij heeft die voornemens is in Nederland het bedrijf van bank uit te oefenen.
2. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel g, zijn:
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
b. een curriculum vitae;
c. een opgave van de relevante diploma’s;
d. een kopie van een geldig identiteitsbewijs; en
e. een opgave van referenten.
3. De gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdeel h, zijn:
a. een opgave van de naam, de geboortedatum, de geboorteplaats, nationaliteit, het privé-adres, het telefoon- en faxnummer en de functie;
b. een kopie van een geldig identiteitsbewijs;
c. gegevens met betrekking tot de antecedenten, bedoeld in de bijlage bij dit besluit; en
d. een opgave van referenten.
4. Het eerste lid, onderdelen h en n, onder 2°, is niet van toepassing ten aanzien van personen wier betrouwbaarheid voor de toepassing van de wetdoor een toezichthouder reeds is vastgesteld.