BWBR0020324
Geldig vanaf 2006-10-01
Artikel 2a
Regeling toezichtkosten Wet toezicht accountantsorganisaties
1. De Autoriteit Financiële Markten brengt eenmalig een bedrag in rekening aan een aanvrager ter vergoeding van de kosten van:
a. de verwerking van de ontvangst van een aanvraag tot inschrijving in het register, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, van de wet of artikel VI, tweede lid, van de Wet van 12 juni 2008, houdende wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties en Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, ter implementatie van richtlijn nr. 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen, tot wijziging van de Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, en houdende intrekking van Richtlijn 84/253/EEG van de Raad (PbEU L 157); en
b. de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a van een auditorganisatie van een derde land die onder toezicht staat in een derde land ten aanzien waarvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 46, tweede lid, tweede volzin, van de richtlijn inhoudende dat het stelsel van toezicht en handhaving van het desbetreffende derde land gelijkwaardig is; of
c. de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a van een auditorganisatie van een derde land die niet onder toezicht staat in een derde land ten aanzien waarvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 46, tweede lid, tweede volzin, van de richtlijn inhoudende dat het stelsel van toezicht en handhaving van het desbetreffende derde land gelijkwaardig is; of
d. de inhoudelijke beoordeling van een overige aanvraag als bedoeld in onderdeel a.
2. Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan worden vermeerderd met een bedrag ter vergoeding van de kosten van een toetsing van de betrouwbaarheid van een beleidsbepaler of medebeleidsbepaler.
a. de verwerking van de ontvangst van een aanvraag tot inschrijving in het register, bedoeld in artikel 12c, eerste lid, van de wet of artikel VI, tweede lid, van de Wet van 12 juni 2008, houdende wijziging van de Wet toezicht accountantsorganisaties en Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, ter implementatie van richtlijn nr. 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 17 mei 2006 betreffende de wettelijke controles van jaarrekeningen en geconsolideerde jaarrekeningen, tot wijziging van de Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad, en houdende intrekking van Richtlijn 84/253/EEG van de Raad (PbEU L 157); en
b. de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a van een auditorganisatie van een derde land die onder toezicht staat in een derde land ten aanzien waarvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 46, tweede lid, tweede volzin, van de richtlijn inhoudende dat het stelsel van toezicht en handhaving van het desbetreffende derde land gelijkwaardig is; of
c. de inhoudelijke beoordeling van een aanvraag als bedoeld in onderdeel a van een auditorganisatie van een derde land die niet onder toezicht staat in een derde land ten aanzien waarvan de Commissie van de Europese Gemeenschappen een besluit heeft genomen als bedoeld in artikel 46, tweede lid, tweede volzin, van de richtlijn inhoudende dat het stelsel van toezicht en handhaving van het desbetreffende derde land gelijkwaardig is; of
d. de inhoudelijke beoordeling van een overige aanvraag als bedoeld in onderdeel a.
2. Het bedrag, bedoeld in het eerste lid, kan worden vermeerderd met een bedrag ter vergoeding van de kosten van een toetsing van de betrouwbaarheid van een beleidsbepaler of medebeleidsbepaler.