BWBR0020043
Geldig vanaf 2009-12-22
Artikel 18
Regeling eisen, administratie en registratie inzake uitoefening visserij
1. In afwijking van artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 2807/83, geldt een tolerantiemarge van 8%, indien het betreft visreizen gemaakt door vissersvaartuigen of buitenlandse vissersvaartuigen in de geografische gebieden:
a. bedoeld in artikel 3 van verordening nr. 1342/2008, en het vaartuigen betreft met een lengte over alles van van ten minste 10 meter;
b. bedoeld in artikel 1 van verordening nr. 811/2004;
c. bedoeld in artikel 2 van verordening (EG) nr. 2115/2005 van de Raad van de Europese Unie van 20 december 2005 tot vaststelling van een herstelplan voor zwarte heilbot in het kader van de visserijorganisatie in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan (PbEU L 430), voor zover aldaar gevangen zwarte heilbot aan boord wordt gehouden.
2. In afwijking van artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 2807/83 geldt een tolerantiemarge van 10%, indien het betreft visreizen gemaakt door vissersvaartuigen of buitenlandse vissersvaartuigen in de geografische gebieden, bedoeld in artikel 1 van de verordening inzake weegprocedures, voor zover meer dan 10 ton haring, makreel of horsmakreel aan boord wordt gehouden.
3. De tolerantiemarge van 8%, bedoeld in het eerste lid, is eveneens van toepassing op ramingen per soort van hoeveelheden schol en tong, uitgedrukt in kilogram levend gewicht, aan boord van vaartuigen die in de Noordzee hebben gevaren.
a. bedoeld in artikel 3 van verordening nr. 1342/2008, en het vaartuigen betreft met een lengte over alles van van ten minste 10 meter;
b. bedoeld in artikel 1 van verordening nr. 811/2004;
c. bedoeld in artikel 2 van verordening (EG) nr. 2115/2005 van de Raad van de Europese Unie van 20 december 2005 tot vaststelling van een herstelplan voor zwarte heilbot in het kader van de visserijorganisatie in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan (PbEU L 430), voor zover aldaar gevangen zwarte heilbot aan boord wordt gehouden.
2. In afwijking van artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 2807/83 geldt een tolerantiemarge van 10%, indien het betreft visreizen gemaakt door vissersvaartuigen of buitenlandse vissersvaartuigen in de geografische gebieden, bedoeld in artikel 1 van de verordening inzake weegprocedures, voor zover meer dan 10 ton haring, makreel of horsmakreel aan boord wordt gehouden.
3. De tolerantiemarge van 8%, bedoeld in het eerste lid, is eveneens van toepassing op ramingen per soort van hoeveelheden schol en tong, uitgedrukt in kilogram levend gewicht, aan boord van vaartuigen die in de Noordzee hebben gevaren.