BWBR0019919
Geldig vanaf 2007-06-01
Artikel 11
Wet op de bijzondere opsporingsdiensten
1. Jaarlijks stellen Onze betrokken Minister en het College van procureurs-generaal voor het komende jaar, met inachtneming van de hoofdlijnen van het beleid met betrekking tot de taakuitoefening door de bijzondere opsporingsdiensten, bedoeld in artikel 10, een handhavingsarrangement vast, waarin de wederzijdse afspraken over opsporing en afhandeling van de opsporingsonderzoeken zijn opgenomen.
2. Onze betrokken Minister en het College van procureurs-generaal stellen jaarlijks een jaarverslag vast over de verwezenlijking van de afspraken in het handhavingsarrangement.
3. Onze betrokken Minister zendt het jaarverslag na de vaststelling ervan aan de Staten-Generaal.
2. Onze betrokken Minister en het College van procureurs-generaal stellen jaarlijks een jaarverslag vast over de verwezenlijking van de afspraken in het handhavingsarrangement.
3. Onze betrokken Minister zendt het jaarverslag na de vaststelling ervan aan de Staten-Generaal.