BWBR0019131
Geldig vanaf 2013-12-02
Artikel 11
Regeling GLB-inkomenssteun 2006
1. Overeenkomstig de artikelen 64 en 65 van Verordening 73/2009 verhoogt de minister de waarde van de toeslagrechten die landbouwers op 15 mei 2010 in eigendom hebben, of wijst de minister aan landbouwers nieuwe toeslagrechten toe die op grond van de volgende bepalingen in aanmerking komen voor toewijzing van toeslagrechten:
a. artikel 31 van verordening 73/2009,
b. artikel 26 van verordening 1120/2009, of
c. artikel 27 van verordening 1120/2009.
2. Landbouwers kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel a, indien hun productie gedurende een of meer relevante referentiejaren als bedoeld in bijlage 4, door een geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 31 van verordening 73/2009, dat zich vóór of gedurende die periode heeft voorgedaan is verminderd, hetgeen rechtstreeks ertoe heeft geleid dat de ontvangen directe betalingen in enig jaar van de relevante periode met meer dan € 500,– zijn verminderd. In dat geval wijst de minister de toeslagrechten van de landbouwer toe op basis van referentiejaren als bedoeld in bijlage 4, waarvan de productie niet is beïnvloed door het geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden. Indien de productie in alle relevante referentiejaren, bedoeld in bijlage 4, door een geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden is beïnvloed, wijst de minister de toeslagrechten van de landbouwer toe op basis van een door de minister te bepalen periode waarin de productie niet is beïnvloed door het geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden.
3. Landbouwers die hun aanspraak op toeslagrechten, bedoeld in artikel 10, voor 15 mei 2010 hebben overgedragen in combinatie met de overdracht van een onderneming met een UBN, kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel b. Houders van volwassen runderen of kalveren kunnen alleen een beroep doen op dit artikel ten aanzien van de dieren die in de referentieperiode, bedoeld in bijlage 4waren geconstateerd op het UBN.
4. Landbouwers die hun aanspraak op toeslagrechten, bedoeld in artikel 10, voor 15 mei 2010 hebben verhuurd aan een onderneming met een UBN, kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel c, als:
a. het aantal verhuurde toeslagrechten niet hoger is dan het aantal verhuurde hectaren grond,
b. de verhuurovereenkomst uiterlijk op 15 mei 2010 ingaat, en
c. de verhuurovereenkomst na 15 mei 2010 afloopt.
5. De verhuurder kan toeslagrechten, bedoeld in het vierde lid, overdragen aan de huurder.
a. artikel 31 van verordening 73/2009,
b. artikel 26 van verordening 1120/2009, of
c. artikel 27 van verordening 1120/2009.
2. Landbouwers kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel a, indien hun productie gedurende een of meer relevante referentiejaren als bedoeld in bijlage 4, door een geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden als bedoeld in artikel 31 van verordening 73/2009, dat zich vóór of gedurende die periode heeft voorgedaan is verminderd, hetgeen rechtstreeks ertoe heeft geleid dat de ontvangen directe betalingen in enig jaar van de relevante periode met meer dan € 500,– zijn verminderd. In dat geval wijst de minister de toeslagrechten van de landbouwer toe op basis van referentiejaren als bedoeld in bijlage 4, waarvan de productie niet is beïnvloed door het geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden. Indien de productie in alle relevante referentiejaren, bedoeld in bijlage 4, door een geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden is beïnvloed, wijst de minister de toeslagrechten van de landbouwer toe op basis van een door de minister te bepalen periode waarin de productie niet is beïnvloed door het geval van overmacht of uitzonderlijke omstandigheden.
3. Landbouwers die hun aanspraak op toeslagrechten, bedoeld in artikel 10, voor 15 mei 2010 hebben overgedragen in combinatie met de overdracht van een onderneming met een UBN, kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel b. Houders van volwassen runderen of kalveren kunnen alleen een beroep doen op dit artikel ten aanzien van de dieren die in de referentieperiode, bedoeld in bijlage 4waren geconstateerd op het UBN.
4. Landbouwers die hun aanspraak op toeslagrechten, bedoeld in artikel 10, voor 15 mei 2010 hebben verhuurd aan een onderneming met een UBN, kunnen verzoeken om toepassing van het eerste lid, onderdeel c, als:
a. het aantal verhuurde toeslagrechten niet hoger is dan het aantal verhuurde hectaren grond,
b. de verhuurovereenkomst uiterlijk op 15 mei 2010 ingaat, en
c. de verhuurovereenkomst na 15 mei 2010 afloopt.
5. De verhuurder kan toeslagrechten, bedoeld in het vierde lid, overdragen aan de huurder.