BWBR0019120
Geldig vanaf 2005-12-24
Artikel 5
Regeling inburgering oudkomers niet-G56 2006
1. Het college of het bestuur sluit een overeenkomst met de oudkomer die een inburgeringsprogramma gaat volgen. De datum van ondertekening van de overeenkomst geldt als aanvangsdatum van het inburgeringsprogramma.
2. De overeenkomst bevat ten minste bepalingen met betrekking tot:
a. het doel van het inburgeringsprogramma;
b. de onderdelen van het inburgeringsprogramma;
c. het aantal contacturen van het inburgeringsprogramma;
d. de aard en de omvang van de individuele begeleiding;
e. de verplichtingen van het college of het bestuur;
f. de verplichtingen van de oudkomer;
g. de informatieoverdracht tussen het college of het bestuur, de bij het aanbieden van het inburgeringsprogramma betrokken instellingen en de oudkomer met betrekking tot de voortgang van het inburgeringsprogramma;
h. de gevolgen welke zijn verbonden aan niet-nakoming van de overeenkomst door de oudkomer.
3. Het college of het bestuur sluit op grond van deze regeling met een oudkomer slechts één overeenkomst.
2. De overeenkomst bevat ten minste bepalingen met betrekking tot:
a. het doel van het inburgeringsprogramma;
b. de onderdelen van het inburgeringsprogramma;
c. het aantal contacturen van het inburgeringsprogramma;
d. de aard en de omvang van de individuele begeleiding;
e. de verplichtingen van het college of het bestuur;
f. de verplichtingen van de oudkomer;
g. de informatieoverdracht tussen het college of het bestuur, de bij het aanbieden van het inburgeringsprogramma betrokken instellingen en de oudkomer met betrekking tot de voortgang van het inburgeringsprogramma;
h. de gevolgen welke zijn verbonden aan niet-nakoming van de overeenkomst door de oudkomer.
3. Het college of het bestuur sluit op grond van deze regeling met een oudkomer slechts één overeenkomst.