BWBR0018732
Geldig vanaf 2005-09-11
Artikel 9
Regeling capaciteitsvermindering zeevisserij 2005
1. De subsidieontvanger dient binnen vier weken na afloop van de termijn, bedoeld in artikel 8, eerste lid, een aanvraag tot subsidievaststelling in bij de directeur op een daartoe door de directeur vastgesteld formulier.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een verklaring van een ambtenaar van de Algemene Inspectiedienst dat is voldaan aan: 1°. artikel 8, eerste lid, onderdeel a, voor zover het betreft de sloop van het vissersvaartuig of het verwijderen van de aanwezige vistuigen en de overige apparatuur specifiek bestemd en geschikt voor de visserij, en
2°. artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
1°. artikel 8, eerste lid, onderdeel a, voor zover het betreft de sloop van het vissersvaartuig of het verwijderen van de aanwezige vistuigen en de overige apparatuur specifiek bestemd en geschikt voor de visserij, en
2°. artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
b. overige bescheiden waarmee naar het oordeel van de minister wordt aangetoond dat aan de in artikel 8, eerste lid, bedoelde verplichtingen is voldaan;
c. het originele exemplaar van de ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig toegekende visvergunning;
d. het originele exemplaar van de garnalenvergunning, voor zover ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig een garnalenvergunning is toegekend;
e. het originele exemplaar van het speciale visdocument, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, van de Regeling technische maatregelen 2000, voor zover ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig een speciaal visdocument is toegekend.
3. Indien het vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en de subsidievaststelling, wordt de subsidie verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. een verklaring van een ambtenaar van de Algemene Inspectiedienst dat is voldaan aan: 1°. artikel 8, eerste lid, onderdeel a, voor zover het betreft de sloop van het vissersvaartuig of het verwijderen van de aanwezige vistuigen en de overige apparatuur specifiek bestemd en geschikt voor de visserij, en
2°. artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
1°. artikel 8, eerste lid, onderdeel a, voor zover het betreft de sloop van het vissersvaartuig of het verwijderen van de aanwezige vistuigen en de overige apparatuur specifiek bestemd en geschikt voor de visserij, en
2°. artikel 8, eerste lid, onderdeel b;
b. overige bescheiden waarmee naar het oordeel van de minister wordt aangetoond dat aan de in artikel 8, eerste lid, bedoelde verplichtingen is voldaan;
c. het originele exemplaar van de ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig toegekende visvergunning;
d. het originele exemplaar van de garnalenvergunning, voor zover ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig een garnalenvergunning is toegekend;
e. het originele exemplaar van het speciale visdocument, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, van de Regeling technische maatregelen 2000, voor zover ten aanzien van het betreffende vissersvaartuig een speciaal visdocument is toegekend.
3. Indien het vissersvaartuig verloren gaat op een tijdstip tussen het moment van subsidieverlening en de subsidievaststelling, wordt de subsidie verminderd met het bedrag van de door de verzekering uitgekeerde vergoeding.