BWBR0018040
Geldig vanaf 2014-12-17
Artikel 28
Zaaizaad- en plantgoedwet 2005
1. Alvorens een benaming vast te stellen, doet de Raad van het voornemen daartoe mededeling in de Staatscourant.
2. Een belanghebbende kan gedurende acht weken na de in het eerste lid bedoelde mededeling bij de Raad bedenkingen op grond van artikel 27, vijfde lid, tegen de benaming inbrengen.
3. De Raad stelt geen benaming vast alvorens zij over de in het tweede lid bedoelde bedenkingen heeft beslist.
4. Het bureau, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007118/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1 van de Rijksoctrooiwet 1995</a>verstrekt aan de Raad desgevraagd inlichtingen omtrent bij hem ingeschreven merken.
2. Een belanghebbende kan gedurende acht weken na de in het eerste lid bedoelde mededeling bij de Raad bedenkingen op grond van artikel 27, vijfde lid, tegen de benaming inbrengen.
3. De Raad stelt geen benaming vast alvorens zij over de in het tweede lid bedoelde bedenkingen heeft beslist.
4. Het bureau, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0007118/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1 van de Rijksoctrooiwet 1995</a>verstrekt aan de Raad desgevraagd inlichtingen omtrent bij hem ingeschreven merken.