BWBR0017355
Geldig vanaf 2004-10-29
Artikel 21
Regeling beschikbare middelen verstrekkingen en vergoedingen Zfw 2005
1. In verband met de overgang op financiering van de ziekenhuiszorg middels DBC’s in 2005 worden voor de budgettering 2005 voor de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp en voor de vaste kosten van ziekenhuisverpleging in de loop of na afloop van 2005 bovenop de middelen, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onder a, van deze regeling extra middelen beschikbaar gesteld.
2. De extra middelen voor de budgettering van de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp zijn gelijk aan de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp binnen de helft van de totale uitgaven over alle ziekenfondsen met betrekking tot de in het jaar 2005 geopende DBC’s die gesloten worden in het jaar 2006. De extra middelen voor de budgettering van de vaste kosten van ziekenhuisverpleging zijn gelijk aan de vaste kosten van ziekenhuisverpleging binnen de helft van de totale uitgaven over alle ziekenfondsen met betrekking tot de in het jaar 2005 geopende DBC’s die gesloten worden in het jaar 2006.
3. De extra middelen worden door het College zorgverzekeringen aan de ziekenfondsen toegedeeld in het traject van de herberekening van de desbetreffende deelbudgetten voor toepassing van hogekostenverevening, verevening en nacalculatie. De toedeling wat betreft de extra middelen voor de budgettering van de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp geschiedt naar rato van het desbetreffende herberekende deelbudget voor toepassing van hogekostenverevening, verevening en nacalculatie. De toedeling wat betreft de extra middelen voor de budgettering van de vaste kosten van ziekenhuisverpleging geschiedt naar rato van het deel van het desbetreffende herberekende deelbudget dat betrekking heeft op de overige vaste kosten, voor toepassing van nacalculatie.
4. Het College zorgverzekeringen kan op basis van voorlopige berekeningen aan ziekenfondsen voorschotten verlenen en kan daarvoor beleidsregels vaststellen, een en ander met inachtneming van door de minister in de loop van 2005 te verstrekken gegevens.
2. De extra middelen voor de budgettering van de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp zijn gelijk aan de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp binnen de helft van de totale uitgaven over alle ziekenfondsen met betrekking tot de in het jaar 2005 geopende DBC’s die gesloten worden in het jaar 2006. De extra middelen voor de budgettering van de vaste kosten van ziekenhuisverpleging zijn gelijk aan de vaste kosten van ziekenhuisverpleging binnen de helft van de totale uitgaven over alle ziekenfondsen met betrekking tot de in het jaar 2005 geopende DBC’s die gesloten worden in het jaar 2006.
3. De extra middelen worden door het College zorgverzekeringen aan de ziekenfondsen toegedeeld in het traject van de herberekening van de desbetreffende deelbudgetten voor toepassing van hogekostenverevening, verevening en nacalculatie. De toedeling wat betreft de extra middelen voor de budgettering van de variabele kosten van ziekenhuisverpleging en kosten van specialistische hulp geschiedt naar rato van het desbetreffende herberekende deelbudget voor toepassing van hogekostenverevening, verevening en nacalculatie. De toedeling wat betreft de extra middelen voor de budgettering van de vaste kosten van ziekenhuisverpleging geschiedt naar rato van het deel van het desbetreffende herberekende deelbudget dat betrekking heeft op de overige vaste kosten, voor toepassing van nacalculatie.
4. Het College zorgverzekeringen kan op basis van voorlopige berekeningen aan ziekenfondsen voorschotten verlenen en kan daarvoor beleidsregels vaststellen, een en ander met inachtneming van door de minister in de loop van 2005 te verstrekken gegevens.