BWBR0017251
Geldig vanaf 2004-10-01
Artikel 3
Nederlandse uitvoeringsvoorschriften belastingverdragen, uitgezonderd die met België, Frankrijk, Verenigde Staten van Amerika en Zwitserland
1. Een inwoner van een verdragsland, niet zijnde een inwoner als bedoeld in artikel 4, die ingevolge het dividendartikel (en het interestartikel) van het Verdrag aanspraak heeft op vermindering van dividendbelasting en die zijn aanspraak niet op de voet van artikel 2geldend heeft kunnen maken, heeft recht op teruggaaf van hetgeen aan dividendbelasting op grond van het Verdrag te veel is ingehouden.
2. Tot het verkrijgen van de teruggaaf levert de belanghebbende bij de fiscale autoriteit over zijn woonplaats een ingevulde en ondertekende verklaring in tweevoud in op een formulier volgens het in bijlage Iopgenomen model (formulier ‘IB 92 Universeel’) 2Een model van het formulier IB 92 Universeel (in het Nederlands, Engels en Duits) is hier niet opgenomen, maar ligt ter inzage op het Ministerie van Financiën, directie Internationale Fiscale Zaken..
Nadat hij een exemplaar van de verklaring, voorzien van dagtekening en ondertekening van de daarop voorkomende bevestiging omtrent de woonplaats heeft terugontvangen van vorenbedoelde autoriteit, handelt hij overeenkomstig het derde of het vierde lid.
3. Indien de opbrengst is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon die de in artikel 9 van de Wet op de dividendbelasting 1965bedoelde dividendnota, waaruit van de betaling van de terug te geven belasting door de belanghebbende blijkt, heeft uitgereikt, levert de belanghebbende het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring in bij de hierboven bedoelde persoon, onder bijvoeging van de dividendnota. Is dit laatste niet mogelijk, dan voegt de persoon die de dividendnota heeft uitgereikt, bij de verklaring een door hem gewaarmerkt afschrift van de dividendnota. Degene die de dividendnota heeft uitgereikt, zendt, met een begeleidende brief waaruit blijkt dat hij voor de belanghebbende optreedt, de bij hem ingeleverde verklaring tezamen met de dividendnota of het afschrift daarvan aan de inspecteur van de Belasting-dienst/Limburg/kantoor Buitenland, Postbus 2865, 6401 DJ Heerlen, die op het verzoek beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking. Het terug te geven bedrag wordt door de Belastingdienst/Limburg/ kantoor Buitenland ten behoeve van de belanghebbende overgemaakt aan degene die de dividendnota heeft uitgereikt.
4. Indien de opbrengst niet is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon en de belanghebbende dientengevolge niet in het bezit is van een in het derde lid bedoelde dividendnota, zendt hij het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring rechtstreeks toe aan de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland, onder bijvoeging van een dividendnota of ander bewijsstuk, waaruit blijken:
a) de desbetreffende opbrengst en
b) het feit dat de terug te geven belasting door de belanghebbende is betaald.
2. Tot het verkrijgen van de teruggaaf levert de belanghebbende bij de fiscale autoriteit over zijn woonplaats een ingevulde en ondertekende verklaring in tweevoud in op een formulier volgens het in bijlage Iopgenomen model (formulier ‘IB 92 Universeel’) 2Een model van het formulier IB 92 Universeel (in het Nederlands, Engels en Duits) is hier niet opgenomen, maar ligt ter inzage op het Ministerie van Financiën, directie Internationale Fiscale Zaken..
Nadat hij een exemplaar van de verklaring, voorzien van dagtekening en ondertekening van de daarop voorkomende bevestiging omtrent de woonplaats heeft terugontvangen van vorenbedoelde autoriteit, handelt hij overeenkomstig het derde of het vierde lid.
3. Indien de opbrengst is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon die de in artikel 9 van de Wet op de dividendbelasting 1965bedoelde dividendnota, waaruit van de betaling van de terug te geven belasting door de belanghebbende blijkt, heeft uitgereikt, levert de belanghebbende het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring in bij de hierboven bedoelde persoon, onder bijvoeging van de dividendnota. Is dit laatste niet mogelijk, dan voegt de persoon die de dividendnota heeft uitgereikt, bij de verklaring een door hem gewaarmerkt afschrift van de dividendnota. Degene die de dividendnota heeft uitgereikt, zendt, met een begeleidende brief waaruit blijkt dat hij voor de belanghebbende optreedt, de bij hem ingeleverde verklaring tezamen met de dividendnota of het afschrift daarvan aan de inspecteur van de Belasting-dienst/Limburg/kantoor Buitenland, Postbus 2865, 6401 DJ Heerlen, die op het verzoek beslist bij voor bezwaar vatbare beschikking. Het terug te geven bedrag wordt door de Belastingdienst/Limburg/ kantoor Buitenland ten behoeve van de belanghebbende overgemaakt aan degene die de dividendnota heeft uitgereikt.
4. Indien de opbrengst niet is uitbetaald door een in Nederland wonende of gevestigde persoon en de belanghebbende dientengevolge niet in het bezit is van een in het derde lid bedoelde dividendnota, zendt hij het van een ondertekende bevestiging omtrent de woonplaats voorziene exemplaar van de verklaring rechtstreeks toe aan de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg/kantoor Buitenland, onder bijvoeging van een dividendnota of ander bewijsstuk, waaruit blijken:
a) de desbetreffende opbrengst en
b) het feit dat de terug te geven belasting door de belanghebbende is betaald.