BWBR0017203
Geldig vanaf 2004-09-19
Artikel 4
Regeling subsidies diensten Kenniswijk 2004
1. Als projectkosten worden uitsluitend in aanmerking genomen:
a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het project toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom ‘loon voor de loonbelasting’ van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1750 productieve uren per jaar;
2°. kosten van aangeschafte machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafprijzen of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, een en ander uitsluitend voor zover de kosten vermeld zijn op de fiscale balans en de taxatiewaarde niet te boven gaan;
3°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen;
4°. andere aan derden verschuldigde kosten, met uitzondering van binnenlandse reis-en verblijfkosten;
1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom ‘loon voor de loonbelasting’ van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1750 productieve uren per jaar;
2°. kosten van aangeschafte machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafprijzen of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, een en ander uitsluitend voor zover de kosten vermeld zijn op de fiscale balans en de taxatiewaarde niet te boven gaan;
3°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen;
4°. andere aan derden verschuldigde kosten, met uitzondering van binnenlandse reis-en verblijfkosten;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 25 procent van de onderdeel a, onder 1°, bedoelde kosten.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1°, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van een project wordt verricht, wordt voor de berekening van deze kosten uitgegaan van een uurtarief van € 40.
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid worden winstopslagen bij transacties binnen een groep alleen in aanmerking genomen voor zover het gebruikelijk is die winstopslagen ook bij soortgelijke transacties buiten de groep in rekening te brengen.
4. De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger die de kosten heeft gemaakt omzetbelasting niet in aftrek kan brengen.
a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het project toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom ‘loon voor de loonbelasting’ van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1750 productieve uren per jaar;
2°. kosten van aangeschafte machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafprijzen of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, een en ander uitsluitend voor zover de kosten vermeld zijn op de fiscale balans en de taxatiewaarde niet te boven gaan;
3°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen;
4°. andere aan derden verschuldigde kosten, met uitzondering van binnenlandse reis-en verblijfkosten;
1°. loonkosten, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom ‘loon voor de loonbelasting’ van de loonstaat van het betrokken directe personeel, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1750 productieve uren per jaar;
2°. kosten van aangeschafte machines en apparatuur, berekend op basis van de historische aanschafprijzen of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, een en ander uitsluitend voor zover de kosten vermeld zijn op de fiscale balans en de taxatiewaarde niet te boven gaan;
3°. kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen, gebaseerd op historische aanschafprijzen;
4°. andere aan derden verschuldigde kosten, met uitzondering van binnenlandse reis-en verblijfkosten;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 25 procent van de onderdeel a, onder 1°, bedoelde kosten.
2. Indien geen loonkosten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1°, worden gemaakt, maar niettemin arbeid ten behoeve van een project wordt verricht, wordt voor de berekening van deze kosten uitgegaan van een uurtarief van € 40.
3. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid worden winstopslagen bij transacties binnen een groep alleen in aanmerking genomen voor zover het gebruikelijk is die winstopslagen ook bij soortgelijke transacties buiten de groep in rekening te brengen.
4. De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger die de kosten heeft gemaakt omzetbelasting niet in aftrek kan brengen.