BWBR0016853
Geldig vanaf 2004-06-16
Artikel 7b
Regeling innovatie groen onderwijs
1. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend bij Dienst Regelingen in de vorm van een projectplan voor een project als bedoeld in artikel 2,op een formulier waarvan het model daartoe door die Dienst is vastgesteld.
2. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend door één of meer instellingen.
3. De aanvraag omvat in ieder geval:
a. een beschrijving van het doel van het project;
b. een beschrijving van de beoogde resultaten van het project;
c. een beschrijving van de aard van het project en de positionering van het project ten aanzien van andere relevante projecten;
d. een beschrijving van de motivatie voor het project, waarbij in ieder geval aandacht wordt besteed aan de problemen die het project beoogt op te lossen, de bijdrage die het project levert aan de thema’s als genoemd in het openstellingsbesluit en de verhouding tussen de kosten en de baten van het project;
e. een beschrijving van de begrenzing van en randvoorwaarden voor het project;
f. een uitgewerkt activiteitenplan;
g. de looptijd van het project, inclusief de start- en einddatum;
h. een beschrijving van de projectorganisatie, waarbij in ieder geval de instellingen die deel uitmaken van het samenwerkingsverband, de projectleider, de penvoerende instelling voor het project en de contactpersoon voor het project worden vermeld;
i. een beschrijving van de samenwerking met de partnerinstellingen, die aantoonbaar tot uitdrukking komt in de activiteiten en financiering van het project, alsmede een door de partners getekende samenwerkingsovereenkomst, voor zover de aanvraag door meer dan één instelling wordt ingediend;
j. een sluitende begroting van het project, gespecificeerd naar de verschillende subsidiabele kosten, bedoeld in artikel 5, alsmede naar de eigen kosten en de kosten van derden en een opgave van een sluitende financiering van het project, en
k. een beschrijving van de beoogde wijze van beschikbaar stellen en verspreiden van de eindresultaten.
4. Een aanvraag tot subsidieverlening is ondertekend door het bevoegd gezag van de instelling of, voor zover de aanvraag door meer dan één instelling wordt ingediend, door het bevoegd van elk der samenwerkende instellingen.
5. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt niet in behandeling genomen, wanneer het projectvoorstel, op grond van artikel 7a, negatief is beoordeeld of het projectplan, voor wat betreft de beschrijving van het doel en de beoogde resultaten van het project, wezenlijk afwijkt van het projectvoorstel.
2. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt ingediend door één of meer instellingen.
3. De aanvraag omvat in ieder geval:
a. een beschrijving van het doel van het project;
b. een beschrijving van de beoogde resultaten van het project;
c. een beschrijving van de aard van het project en de positionering van het project ten aanzien van andere relevante projecten;
d. een beschrijving van de motivatie voor het project, waarbij in ieder geval aandacht wordt besteed aan de problemen die het project beoogt op te lossen, de bijdrage die het project levert aan de thema’s als genoemd in het openstellingsbesluit en de verhouding tussen de kosten en de baten van het project;
e. een beschrijving van de begrenzing van en randvoorwaarden voor het project;
f. een uitgewerkt activiteitenplan;
g. de looptijd van het project, inclusief de start- en einddatum;
h. een beschrijving van de projectorganisatie, waarbij in ieder geval de instellingen die deel uitmaken van het samenwerkingsverband, de projectleider, de penvoerende instelling voor het project en de contactpersoon voor het project worden vermeld;
i. een beschrijving van de samenwerking met de partnerinstellingen, die aantoonbaar tot uitdrukking komt in de activiteiten en financiering van het project, alsmede een door de partners getekende samenwerkingsovereenkomst, voor zover de aanvraag door meer dan één instelling wordt ingediend;
j. een sluitende begroting van het project, gespecificeerd naar de verschillende subsidiabele kosten, bedoeld in artikel 5, alsmede naar de eigen kosten en de kosten van derden en een opgave van een sluitende financiering van het project, en
k. een beschrijving van de beoogde wijze van beschikbaar stellen en verspreiden van de eindresultaten.
4. Een aanvraag tot subsidieverlening is ondertekend door het bevoegd gezag van de instelling of, voor zover de aanvraag door meer dan één instelling wordt ingediend, door het bevoegd van elk der samenwerkende instellingen.
5. Een aanvraag tot subsidieverlening wordt niet in behandeling genomen, wanneer het projectvoorstel, op grond van artikel 7a, negatief is beoordeeld of het projectplan, voor wat betreft de beschrijving van het doel en de beoogde resultaten van het project, wezenlijk afwijkt van het projectvoorstel.