BWBR0015590
Geldig vanaf 2004-04-21
Artikel 3:40
Organisatiebesluit BZK 2003
1. Het agentschap Informatie- en communicatietechnologie Organisatie staat onder leiding van een algemeen directeur en een operationeel directeur, tevens plaatsvervangend directeur.
2. Het agentschap heeft de volgende taken:
a) het verrichten van werkzaamheden met betrekking tot de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van de taakuitvoering en het beheer van de politie, waaronder het ontwikkelen en beheren van de infrastructuren en de informatie- en communicatiesystemen ten behoeve van de politie;
b) het desgevraagd verrichten van werkzaamheden op het terrein van de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van een regionaal politiekorps of het Korps landelijke politiediensten, indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is voor de taakuitvoering van de politie;
c) het desgevraagd verrichten van werkzaamheden op het terrein van de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van een tot de Rijksdienst behorende dienst, een regionaal brandweerkorps of een centrale post voor het ambulancevervoer, indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is voor de taakuitvoering van de politie.
2. Het agentschap heeft de volgende taken:
a) het verrichten van werkzaamheden met betrekking tot de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van de taakuitvoering en het beheer van de politie, waaronder het ontwikkelen en beheren van de infrastructuren en de informatie- en communicatiesystemen ten behoeve van de politie;
b) het desgevraagd verrichten van werkzaamheden op het terrein van de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van een regionaal politiekorps of het Korps landelijke politiediensten, indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is voor de taakuitvoering van de politie;
c) het desgevraagd verrichten van werkzaamheden op het terrein van de informatie- en communicatiehuishouding en het beheer daarvan ten behoeve van een tot de Rijksdienst behorende dienst, een regionaal brandweerkorps of een centrale post voor het ambulancevervoer, indien dit naar het oordeel van de minister noodzakelijk is voor de taakuitvoering van de politie.