BWBR0015341
Geldig vanaf 2003-07-20
Artikel 6
Regeling uitkeringen beperkingengebied Schiphol
1. Uiterlijk een jaar na de verwerving van een gebouw gaat de gemeente over tot de sloop van dat gebouw.
2. De gemeente draagt direct voorafgaand aan de sloop zorg voor het uitbrengen van een offerte van de vaste prijs van de werkzaamheden voor de uitvoering van de sloop en legt deze ter goedkeuring aan de minister voor.
3. In afwijking van het eerste lid, gaat de gemeente in de volgende gevallen uiterlijk een jaar na de beëindiging van het gebruik van een gebouw over tot de sloop van dat gebouw:
a. in geval van uitgesteld gebruik van een gebouw, of
b. in geval van bestaand gebruik van een gebouw als bedoeld in artikel 2.2.1., vijfde lid, van het Luchthavenindelingbesluit Schiphol.
4. In afwijking van het eerste lid, gaat de gemeente uiterlijk een jaar na de verwerving van het laatste te verwerven onderdeel van een bouwkundige eenheid over tot de sloop van die bouwkundige eenheid. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
5. De gemeente stelt de minister binnen een maand na de voltooiing van de in het eerste tot en met het derde lid bedoelde sloop op de hoogte van de uitvoering daarvan.
2. De gemeente draagt direct voorafgaand aan de sloop zorg voor het uitbrengen van een offerte van de vaste prijs van de werkzaamheden voor de uitvoering van de sloop en legt deze ter goedkeuring aan de minister voor.
3. In afwijking van het eerste lid, gaat de gemeente in de volgende gevallen uiterlijk een jaar na de beëindiging van het gebruik van een gebouw over tot de sloop van dat gebouw:
a. in geval van uitgesteld gebruik van een gebouw, of
b. in geval van bestaand gebruik van een gebouw als bedoeld in artikel 2.2.1., vijfde lid, van het Luchthavenindelingbesluit Schiphol.
4. In afwijking van het eerste lid, gaat de gemeente uiterlijk een jaar na de verwerving van het laatste te verwerven onderdeel van een bouwkundige eenheid over tot de sloop van die bouwkundige eenheid. Het tweede lid is van overeenkomstige toepassing.
5. De gemeente stelt de minister binnen een maand na de voltooiing van de in het eerste tot en met het derde lid bedoelde sloop op de hoogte van de uitvoering daarvan.