BWBR0015123
Geldig vanaf 2003-05-29
Artikel 3.1
Beleidsregel toetsing vergunningen personenvervoer aan de Wet Bibob
2. Deze belangen en omstandigheden kunnen zijn:
a. zwaarwegende economische of maatschappelijke gevolgen van intrekking of weigering van de vergunning;
b. gevolgen voor de werkgelegenheid;
c. financiële gevolgen voor de aanvrager of houder of zijn zakelijke partners;
d. adequate flankerende maatregelen of waarborgen met het oog op het voorkomen van de relevante strafbare feiten;
e. de vereiste continuïteit van de met de vergunning gemoeide activiteiten;
f. de afwezigheid van een alternatieve goede aanbieder van de met de vergunning te verrichten activiteiten;
g. een veiligheidsrisico bij weigering of intrekking van de vergunning;
h. gevolgen voor de bedrijfsvoering of taakuitoefening van het ministerie of anderen openbare lichamen;
i. de kans op recidive van de in hoofdstuk 3 genoemde strafbare feiten;
j. de opgewekte verwachtingen naar aanvrager of houder.
a. zwaarwegende economische of maatschappelijke gevolgen van intrekking of weigering van de vergunning;
b. gevolgen voor de werkgelegenheid;
c. financiële gevolgen voor de aanvrager of houder of zijn zakelijke partners;
d. adequate flankerende maatregelen of waarborgen met het oog op het voorkomen van de relevante strafbare feiten;
e. de vereiste continuïteit van de met de vergunning gemoeide activiteiten;
f. de afwezigheid van een alternatieve goede aanbieder van de met de vergunning te verrichten activiteiten;
g. een veiligheidsrisico bij weigering of intrekking van de vergunning;
h. gevolgen voor de bedrijfsvoering of taakuitoefening van het ministerie of anderen openbare lichamen;
i. de kans op recidive van de in hoofdstuk 3 genoemde strafbare feiten;
j. de opgewekte verwachtingen naar aanvrager of houder.