BWBR0014779
Geldig vanaf 2021-06-07
Artikel 25a
Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties auteurs- en naburige rechten
1. De <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragrafen 1</a>, <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">2</a>, <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">4</a>en <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5</a>alsmede de <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/7.3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 7.3, eerste, derde en vijfde tot en met tiende lid</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/7.3a" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">7.3a</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/7.3b" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">7.3b</a>en <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/7.5" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">7.5 van de Wet normering topinkomens</a>en de daarop berustende algemene maatregelen van bestuur alsmede de ministeriële regeling, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/1.9" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1.9 van die wet</a>, zijn van overeenkomstige toepassing op collectieve beheersorganisaties, met dien verstande dat:
a. wordt verstaan onder topfunctionaris: de leden van de uitvoerende, adviserende en toezichthoudende organen van een collectieve beheersorganisatie alsmede de hoogste ondergeschikte of de leden van de groep hoogste ondergeschikten aan dat orgaan en degene of degenen die is of zijn belast met de dagelijkse leiding van een collectieve beheersorganisatie.
b. de op grond van artikel 5.5, eerste lid, van die wet opgeëiste bedragen beschikbaar komen voor verdeling aan rechthebbenden, en
c. voor artikel 7.3, elfde lid van die wet wordt gelezen: Voor de toepassing van dit artikel blijft buiten beschouwing iedere wijziging in de bezoldiging of de duur van het dienstverband die is of wordt overeengekomen tussen 18 januari 2012 en het tijdstip waarop deze wet in werking treedt.
2. De op grond van <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 5 van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector</a>aan de Minister wie het aangaat toekomende bevoegdheden worden, in afwijking van <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5.1 van die wet</a>, voor de overeenkomstige toepassing van die wet op collectieve beheersorganisaties uitgeoefend door het College van Toezicht. De in de <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/4.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 4.1</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/4.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">4.2</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5.2, tweede lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5.3 van genoemde wet</a>bedoelde informatie wordt, in afwijking van die artikelen, verstrekt aan het College van Toezicht.
a. wordt verstaan onder topfunctionaris: de leden van de uitvoerende, adviserende en toezichthoudende organen van een collectieve beheersorganisatie alsmede de hoogste ondergeschikte of de leden van de groep hoogste ondergeschikten aan dat orgaan en degene of degenen die is of zijn belast met de dagelijkse leiding van een collectieve beheersorganisatie.
b. de op grond van artikel 5.5, eerste lid, van die wet opgeëiste bedragen beschikbaar komen voor verdeling aan rechthebbenden, en
c. voor artikel 7.3, elfde lid van die wet wordt gelezen: Voor de toepassing van dit artikel blijft buiten beschouwing iedere wijziging in de bezoldiging of de duur van het dienstverband die is of wordt overeengekomen tussen 18 januari 2012 en het tijdstip waarop deze wet in werking treedt.
2. De op grond van <a href="/wet/BWBR0032249" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">paragraaf 5 van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector</a>aan de Minister wie het aangaat toekomende bevoegdheden worden, in afwijking van <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5.1 van die wet</a>, voor de overeenkomstige toepassing van die wet op collectieve beheersorganisaties uitgeoefend door het College van Toezicht. De in de <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/4.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 4.1</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/4.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">4.2</a>, <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5.2, tweede lid</a>, en <a href="/wet/BWBR0032249/artikel/5.3" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">5.3 van genoemde wet</a>bedoelde informatie wordt, in afwijking van die artikelen, verstrekt aan het College van Toezicht.