BWBR0014623
Geldig vanaf 2003-04-01
Artikel 10
Wet op het LSOP en het politieonderwijs
1. Tot het personeel van het LSOP worden in ieder geval gerekend:
a. de leden van het college van bestuur,
b. de ambtenaren in dienst van het LSOP, en
c. de bij het LSOP anders dan met het oog op het ontvangen van onderwijs gedetacheerde ambtenaren van politie.
2. Het personeel van het LSOP, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het college van bestuur, voor zover bij of krachtens deze wet niet anders is bepaald.
3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden aangewezen, die worden benoemd, geschorst en ontslagen bij koninklijk besluit.
4. Ambtenaren van politie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, worden door de korpschef op verzoek van het college van bestuur bij het LSOP gedetacheerd.
5. Voor zover bij of krachtens deze wet niet anders is bepaald, zijn de bij of krachtens artikel 47, eerste lid, van de Politiewet 2012gestelde regels van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gegeven, indien dit in verband met enige andere bepaling uit deze wet is vereist. De Wet veiligheidsonderzoeken is van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP.
6. Artikel 47, derde lid, van de Politiewet 2012is van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP.
7. Artikel 47, vierde lid, van de Politiewet 2012is van overeenkomstige toepassing op het LSOP.
a. de leden van het college van bestuur,
b. de ambtenaren in dienst van het LSOP, en
c. de bij het LSOP anders dan met het oog op het ontvangen van onderwijs gedetacheerde ambtenaren van politie.
2. Het personeel van het LSOP, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt benoemd, geschorst en ontslagen door het college van bestuur, voor zover bij of krachtens deze wet niet anders is bepaald.
3. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen ambtenaren, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, worden aangewezen, die worden benoemd, geschorst en ontslagen bij koninklijk besluit.
4. Ambtenaren van politie, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, worden door de korpschef op verzoek van het college van bestuur bij het LSOP gedetacheerd.
5. Voor zover bij of krachtens deze wet niet anders is bepaald, zijn de bij of krachtens artikel 47, eerste lid, van de Politiewet 2012gestelde regels van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gegeven, indien dit in verband met enige andere bepaling uit deze wet is vereist. De Wet veiligheidsonderzoeken is van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP.
6. Artikel 47, derde lid, van de Politiewet 2012is van overeenkomstige toepassing op het personeel van het LSOP.
7. Artikel 47, vierde lid, van de Politiewet 2012is van overeenkomstige toepassing op het LSOP.