BWBR0014319
Geldig vanaf 2006-06-29
Artikel 5.4
Regeling Bouwbesluit 2003
Voor een bestaande wegtunnel met een tunnellengte van meer dan 250 m is aan artikel 2.26, tweede lid, van het besluitvoldaan, indien:
a. een hoogteverschil tussen vloeren waarover een rookvrije vluchtroute voert of tussen een van die vloeren en het aansluitende terrein, dat groter is dan 0,22 m wordt overbrugd door een vaste trap of een vaste hellingbaan, behalve voorzover de rookvrije vluchtroute door een wegtunnelbuis voert;
b. een hoogteverschil tussen vloeren waarover een route voert als bedoeld in artikel 5.27, onderdeel 1, dat groter is dan 0,3 m wordt overbrugd door een vaste trap of een vaste hellingbaan.
a. een hoogteverschil tussen vloeren waarover een rookvrije vluchtroute voert of tussen een van die vloeren en het aansluitende terrein, dat groter is dan 0,22 m wordt overbrugd door een vaste trap of een vaste hellingbaan, behalve voorzover de rookvrije vluchtroute door een wegtunnelbuis voert;
b. een hoogteverschil tussen vloeren waarover een route voert als bedoeld in artikel 5.27, onderdeel 1, dat groter is dan 0,3 m wordt overbrugd door een vaste trap of een vaste hellingbaan.