BWBR0013660
Geldig vanaf 2002-07-01
Artikel 19
Instellingsbesluit Productschap Dranken
1. De opheffing van de bedrijfslichamen tast de rechtskracht van de door deze lichamen wettig opgelegde heffingsaanslagen niet aan.
2. Bij de inning van nog niet betaalde heffingsaanslagen van de bedrijfs-lichamen oefent de voorzitter van het productschap zo nodig de in artikel 127 van de wettoegekende bevoegdheden uit.
3. Het productschap kan, voorzover dit voor de voldoening van de schulden van een van de bedrijfslichamen noodzakelijk is, bij verordening aan de ondernemers in het betrokken deel van het bedrijfsleven een heffing opleggen volgens de bij de laatstelijk opgelegde algemene heffing van het betrokken bedrijfslichaam gehanteerde maatstaven.
4. Ten aanzien van een heffingsverordening als in het derde lid bedoeld en de krachtens die verordening opgelegde aanslagen zijn de artikelen 126en 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatievan overeenkomstige toepassing.
2. Bij de inning van nog niet betaalde heffingsaanslagen van de bedrijfs-lichamen oefent de voorzitter van het productschap zo nodig de in artikel 127 van de wettoegekende bevoegdheden uit.
3. Het productschap kan, voorzover dit voor de voldoening van de schulden van een van de bedrijfslichamen noodzakelijk is, bij verordening aan de ondernemers in het betrokken deel van het bedrijfsleven een heffing opleggen volgens de bij de laatstelijk opgelegde algemene heffing van het betrokken bedrijfslichaam gehanteerde maatstaven.
4. Ten aanzien van een heffingsverordening als in het derde lid bedoeld en de krachtens die verordening opgelegde aanslagen zijn de artikelen 126en 127 van de Wet op de bedrijfsorganisatievan overeenkomstige toepassing.