BWBR0013593
Geldig vanaf 2002-04-19
Artikel 4
Subsidieregeling infrastructuur technostarters
1. Als projectkosten worden uitsluitend in aanmerking genomen:
a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het technostartersproject toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten voor het coördineren en ondersteunen van het technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom `loon voor de loonbelasting' van de loonstaat van het betrokken directe personeel, voor zover in dienst van de kennisinstelling, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1400 productieve uren per jaar;
2°. kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw tot een bedrag van ten hoogste € 1.800.000, bestaande uit de stichtingskosten van dat gebouw voor zover aan het technostartersproject toegerekend over de looptijd van het technostartersproject, vermeerderd met de kosten voor het gebruik van gas, elektriciteit, water, telecommunicatievoorzieningen en brandvoorzieningen, en verminderd met de huuropbrengsten en huurvergoedingen;
3°. kosten van machines en apparatuur die zijn aangeschaft met het oog op de ondersteuning van technostarters en van natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een bedrag van ten hoogste € 500.000 per technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van de aan het technostartersproject toe te rekenen afschrijvingskosten, berekend op basis van de historische aanschafprijzen en de door de belastingdienst geaccepteerde afschrijvingstermijnen, met uitzondering van mogelijkheden tot vervroegde afschrijving, of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, en gebaseerd op de bedrijfseconomische levensduur;
4°. kosten van het opstellen van ondernemingsplannen voor technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een maximum van € 40.000, te vergoeden voor een periode van ten hoogste twee jaar per beoogde onderneming;
5°. kosten van advies van derden aan technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, die voor rekening van de kennisinstelling komen, met uitzondering van binnenlandse reis- en verblijfkosten, tot een bedrag van ten hoogste € 100.000 per technostarter;
1°. loonkosten voor het coördineren en ondersteunen van het technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom `loon voor de loonbelasting' van de loonstaat van het betrokken directe personeel, voor zover in dienst van de kennisinstelling, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1400 productieve uren per jaar;
2°. kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw tot een bedrag van ten hoogste € 1.800.000, bestaande uit de stichtingskosten van dat gebouw voor zover aan het technostartersproject toegerekend over de looptijd van het technostartersproject, vermeerderd met de kosten voor het gebruik van gas, elektriciteit, water, telecommunicatievoorzieningen en brandvoorzieningen, en verminderd met de huuropbrengsten en huurvergoedingen;
3°. kosten van machines en apparatuur die zijn aangeschaft met het oog op de ondersteuning van technostarters en van natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een bedrag van ten hoogste € 500.000 per technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van de aan het technostartersproject toe te rekenen afschrijvingskosten, berekend op basis van de historische aanschafprijzen en de door de belastingdienst geaccepteerde afschrijvingstermijnen, met uitzondering van mogelijkheden tot vervroegde afschrijving, of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, en gebaseerd op de bedrijfseconomische levensduur;
4°. kosten van het opstellen van ondernemingsplannen voor technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een maximum van € 40.000, te vergoeden voor een periode van ten hoogste twee jaar per beoogde onderneming;
5°. kosten van advies van derden aan technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, die voor rekening van de kennisinstelling komen, met uitzondering van binnenlandse reis- en verblijfkosten, tot een bedrag van ten hoogste € 100.000 per technostarter;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 50 procent van de onder a, onder 1°, bedoelde kosten.
2. De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger die de kosten heeft gemaakt, omzetbelasting niet in aftrek kan brengen.
3. Kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 2°, in aanmerking genomen, indien over de looptijd van het technostartersproject de huuropbrengsten van het gebouw voor ten minste een kwart bestaan uit van technostarters ontvangen huuropbrengsten.
4. Kosten van machines en apparatuur die niet uitsluitend voor het technostartersproject zijn aangeschaft, worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 3°, in aanmerking genomen indien een door middel van een sluitende tijdschrijving vastgestelde urenverantwoording per machine respectievelijk van de apparatuur aanwezig is, waaruit blijkt dat de machine of de apparatuur, op jaarbasis, voor ten minste 50 procent van de daarvoor geldende gebruikelijke gebruikstijd wordt gebruikt door tenminste twee personen, waaronder tenminste één technostarter of natuurlijke persoon die voornemens is binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden.
5. Kosten voor het opstellen van een ondernemingsplan en van het advies van derden worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, in aanmerking genomen indien de betrokken technostarter of natuurlijke persoon die voornemens is binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, nog geen ondersteuning voor het opstellen van een ondernemingsplan of advies van derden heeft verkregen in het kader van Twinning Holding of op grond van de Subsidieregeling zaaiprojecten life sciences.
6. Kosten van het opstellen van een ondernemingsplan en van het advies van derden aan technostarters worden voorts slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, in aanmerking genomen:
a. indien de betrokken technostarter niet een onderneming is als bedoeld in artikel 1, onder a of b, van de de minimisverordening, en
b. voor zover de subsidie voor deze kosten, tezamen met de in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de technostarter verstrekte subsidie waarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen, niet meer bedraagt dan € 100.000.
a. de volgende rechtstreeks aan de uitvoering van het technostartersproject toe te rekenen, na de indiening van de aanvraag door de subsidie-ontvanger gemaakte en betaalde kosten: 1°. loonkosten voor het coördineren en ondersteunen van het technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom `loon voor de loonbelasting' van de loonstaat van het betrokken directe personeel, voor zover in dienst van de kennisinstelling, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1400 productieve uren per jaar;
2°. kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw tot een bedrag van ten hoogste € 1.800.000, bestaande uit de stichtingskosten van dat gebouw voor zover aan het technostartersproject toegerekend over de looptijd van het technostartersproject, vermeerderd met de kosten voor het gebruik van gas, elektriciteit, water, telecommunicatievoorzieningen en brandvoorzieningen, en verminderd met de huuropbrengsten en huurvergoedingen;
3°. kosten van machines en apparatuur die zijn aangeschaft met het oog op de ondersteuning van technostarters en van natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een bedrag van ten hoogste € 500.000 per technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van de aan het technostartersproject toe te rekenen afschrijvingskosten, berekend op basis van de historische aanschafprijzen en de door de belastingdienst geaccepteerde afschrijvingstermijnen, met uitzondering van mogelijkheden tot vervroegde afschrijving, of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, en gebaseerd op de bedrijfseconomische levensduur;
4°. kosten van het opstellen van ondernemingsplannen voor technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een maximum van € 40.000, te vergoeden voor een periode van ten hoogste twee jaar per beoogde onderneming;
5°. kosten van advies van derden aan technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, die voor rekening van de kennisinstelling komen, met uitzondering van binnenlandse reis- en verblijfkosten, tot een bedrag van ten hoogste € 100.000 per technostarter;
1°. loonkosten voor het coördineren en ondersteunen van het technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van een uurloon, berekend op basis van het jaarloon bij een volledige dienstbetrekking volgens de kolom `loon voor de loonbelasting' van de loonstaat van het betrokken directe personeel, voor zover in dienst van de kennisinstelling, verhoogd met de wettelijke dan wel de op grond van een individuele of collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigde opslagen voor sociale lasten, en van 1400 productieve uren per jaar;
2°. kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw tot een bedrag van ten hoogste € 1.800.000, bestaande uit de stichtingskosten van dat gebouw voor zover aan het technostartersproject toegerekend over de looptijd van het technostartersproject, vermeerderd met de kosten voor het gebruik van gas, elektriciteit, water, telecommunicatievoorzieningen en brandvoorzieningen, en verminderd met de huuropbrengsten en huurvergoedingen;
3°. kosten van machines en apparatuur die zijn aangeschaft met het oog op de ondersteuning van technostarters en van natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een bedrag van ten hoogste € 500.000 per technostartersproject, met dien verstande dat wordt uitgegaan van de aan het technostartersproject toe te rekenen afschrijvingskosten, berekend op basis van de historische aanschafprijzen en de door de belastingdienst geaccepteerde afschrijvingstermijnen, met uitzondering van mogelijkheden tot vervroegde afschrijving, of lease-termijnen, met uitzondering van financieringskosten, en gebaseerd op de bedrijfseconomische levensduur;
4°. kosten van het opstellen van ondernemingsplannen voor technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, tot een maximum van € 40.000, te vergoeden voor een periode van ten hoogste twee jaar per beoogde onderneming;
5°. kosten van advies van derden aan technostarters en natuurlijke personen die voornemens zijn binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, die voor rekening van de kennisinstelling komen, met uitzondering van binnenlandse reis- en verblijfkosten, tot een bedrag van ten hoogste € 100.000 per technostarter;
b. een opslag voor algemene kosten, groot 50 procent van de onder a, onder 1°, bedoelde kosten.
2. De kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting, indien de subsidie-ontvanger die de kosten heeft gemaakt, omzetbelasting niet in aftrek kan brengen.
3. Kosten in verband met een exploitatietekort van een bedrijfsverzamelgebouw worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 2°, in aanmerking genomen, indien over de looptijd van het technostartersproject de huuropbrengsten van het gebouw voor ten minste een kwart bestaan uit van technostarters ontvangen huuropbrengsten.
4. Kosten van machines en apparatuur die niet uitsluitend voor het technostartersproject zijn aangeschaft, worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 3°, in aanmerking genomen indien een door middel van een sluitende tijdschrijving vastgestelde urenverantwoording per machine respectievelijk van de apparatuur aanwezig is, waaruit blijkt dat de machine of de apparatuur, op jaarbasis, voor ten minste 50 procent van de daarvoor geldende gebruikelijke gebruikstijd wordt gebruikt door tenminste twee personen, waaronder tenminste één technostarter of natuurlijke persoon die voornemens is binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden.
5. Kosten voor het opstellen van een ondernemingsplan en van het advies van derden worden slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, in aanmerking genomen indien de betrokken technostarter of natuurlijke persoon die voornemens is binnen de looptijd van het technostartersproject technostarter te worden, nog geen ondersteuning voor het opstellen van een ondernemingsplan of advies van derden heeft verkregen in het kader van Twinning Holding of op grond van de Subsidieregeling zaaiprojecten life sciences.
6. Kosten van het opstellen van een ondernemingsplan en van het advies van derden aan technostarters worden voorts slechts als projectkosten op de voet van het eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, in aanmerking genomen:
a. indien de betrokken technostarter niet een onderneming is als bedoeld in artikel 1, onder a of b, van de de minimisverordening, en
b. voor zover de subsidie voor deze kosten, tezamen met de in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de technostarter verstrekte subsidie waarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen, niet meer bedraagt dan € 100.000.