BWBR0013593
Geldig vanaf 2002-04-19
Artikel 14
Subsidieregeling infrastructuur technostarters
1. De subsidie-ontvanger brengt voor diensten als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, onder 2° en 3°, steeds een marktconforme prijs in rekening.
2. De subsidie-ontvanger gaat slechts over tot vergoeding van de kosten van het opstellen van een ondernemingsplan door de technostarter en van het advies van derden aan de technostarter, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, onder 4° of 5°, indien:
a. de technostarter niet een onderneming is als bedoeld in artikel 1, onder a of b, van de de minimisverordening;
b. de technostarter aan de subsidie-ontvanger schriftelijk meedeelt hoeveel subsidie in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan hem is verstrekt, voor zover daarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen;
c. de subsidie voor de kosten, tezamen met de in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de technostarter verstrekte subsidie waarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen, niet meer bedraagt dan € 100.000, en
d. de technostarter verklaart ermee akkoord te gaan dat de vergoeding wordt teruggevorderd indien naderhand komt vast te staan dat de vergoeding is verstrekt in strijd met de de minimis verordening.
3. Indien de subsidie-ontvanger de kosten van het opstellen van een ondernemingsplan door de technostarter en van advies van derden aan de technostarter, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, vergoedt, deelt hij de technostarter mede dat op deze vergoeding de de minimisverordening van toepassing is.
2. De subsidie-ontvanger gaat slechts over tot vergoeding van de kosten van het opstellen van een ondernemingsplan door de technostarter en van het advies van derden aan de technostarter, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, onder 4° of 5°, indien:
a. de technostarter niet een onderneming is als bedoeld in artikel 1, onder a of b, van de de minimisverordening;
b. de technostarter aan de subsidie-ontvanger schriftelijk meedeelt hoeveel subsidie in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan hem is verstrekt, voor zover daarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen;
c. de subsidie voor de kosten, tezamen met de in de drie voorafgaande jaren door een bestuursorgaan aan de technostarter verstrekte subsidie waarvoor van de Commissie van de Europese Gemeenschappen geen goedkeuring is verkregen, niet meer bedraagt dan € 100.000, en
d. de technostarter verklaart ermee akkoord te gaan dat de vergoeding wordt teruggevorderd indien naderhand komt vast te staan dat de vergoeding is verstrekt in strijd met de de minimis verordening.
3. Indien de subsidie-ontvanger de kosten van het opstellen van een ondernemingsplan door de technostarter en van advies van derden aan de technostarter, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onder a, onder 4° en 5°, vergoedt, deelt hij de technostarter mede dat op deze vergoeding de de minimisverordening van toepassing is.