BWBR0013537
Geldig vanaf 09-06-2002
Artikel 3
Verordening op de bedrijfscommissies 2002
1. Van de benoeming van een lid of een plaatsvervangend lid doet de organisatie die de benoeming verrichtte, mededeling aan de bedrijfscommissie.
2. Indien een organisatie niet binnen twee maanden nadat zij tot het benoemen van een of meer leden of plaatsvervangende leden van een bedrijfscommissie is aangewezen alsmede uiterlijk vier weken voor het begin van iedere zittingsperiode van de commissie, dan wel binnen twee maanden nadat een door haar vervulde plaats in de commissie is opengevallen, een aantal mededelingen, als bedoeld in het eerste lid, overeenkomende met het aantal door haar te benoemen leden of bestuursleden, heeft doen toekomen aan de commissie, doet de bedrijfscommissie hiervan binnen een week mededeling aan de voorzitter van de Raad.
2. Indien een organisatie niet binnen twee maanden nadat zij tot het benoemen van een of meer leden of plaatsvervangende leden van een bedrijfscommissie is aangewezen alsmede uiterlijk vier weken voor het begin van iedere zittingsperiode van de commissie, dan wel binnen twee maanden nadat een door haar vervulde plaats in de commissie is opengevallen, een aantal mededelingen, als bedoeld in het eerste lid, overeenkomende met het aantal door haar te benoemen leden of bestuursleden, heeft doen toekomen aan de commissie, doet de bedrijfscommissie hiervan binnen een week mededeling aan de voorzitter van de Raad.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0013537
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl