BWBR0013481
Geldig vanaf 2002-03-09
Artikel 3
Subsidieregeling technische assistentie in opkomende markten
1. De subsidie bedraagt niet meer dan driemaal de totale waarde van de Nederlandse deelneming, en voorts:
a. voor een managementondersteuningsproject: 50 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 275.000,
b. voor een scholingsproject: 35 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 90.000.
2. Indien ter zake van de projectkosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan dan de minister of de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking of door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het ingevolge het eerste lid geldende bedrag.
3. Bij de toepassing van het eerste lid worden de bijdragen van derden met betrekking tot de projectkosten, anders dan bedoeld in het tweede lid, op de projectkosten in mindering gebracht.
a. voor een managementondersteuningsproject: 50 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 275.000,
b. voor een scholingsproject: 35 procent van de projectkosten, maar niet meer dan € 90.000.
2. Indien ter zake van de projectkosten of een deel daarvan reeds door een ander bestuursorgaan dan de minister of de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking of door de Commissie van de Europese Gemeenschappen subsidie is verstrekt, wordt slechts een zodanig bedrag aan subsidie verstrekt, dat het totale bedrag aan subsidies niet meer bedraagt dan het ingevolge het eerste lid geldende bedrag.
3. Bij de toepassing van het eerste lid worden de bijdragen van derden met betrekking tot de projectkosten, anders dan bedoeld in het tweede lid, op de projectkosten in mindering gebracht.