BWBR0013344
Geldig vanaf 2010-01-19
Artikel 10
Beleidsregels verlagen subsidie Plattelandsontwikkelingsprogramma
1. Indien
de aanvrager van een subsidievaststelling niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag of indien de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag, en
de aanvrager van de subsidievaststelling in de gelegenheid is gesteld binnen een door het bestuursorgaan gestelde termijn de aanvraag aan te vullen, leidt het aanvullen van de aanvraag na het verstrijken van deze termijn op een wijze dat
wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften voor het in behandeling nemen van de aanvraag, of
de verstrekte gegevens en bescheiden voldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag
tot een verlaging van de subsidie waarop de aanvraag betrekking heeft met 0,5% per werkdag ten opzichte van de subsidie waarop de subsidieontvanger recht zou hebben gehad indien hij zou hebben voldaan aan de wettelijk voorschriften voor het in behandeling nemen van de aanvraag of indien de verstrekte gegevens en bescheiden voldoende zouden zijn geweest voor de beoordeling van de aanvraag.
2. Indien het aanvullen van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, niet heeft plaatsgevonden binnen 25 dagen na het verstrijken van de door het bestuursorgaan gestelde termijn, wordt, behoudens overmacht, de subsidie 10% lager vastgesteld of overeenkomstig ten nadele van de ontvanger gewijzigd indien, ondanks het achterwege blijven van deze aanvulling, kan worden vastgesteld of de te subsidiëren of gesubsidieerde activiteit heeft of activiteiten hebben plaatsgevonden.
de aanvrager van een subsidievaststelling niet heeft voldaan aan enig wettelijk voorschrift voor het in behandeling nemen van de aanvraag of indien de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag, en
de aanvrager van de subsidievaststelling in de gelegenheid is gesteld binnen een door het bestuursorgaan gestelde termijn de aanvraag aan te vullen, leidt het aanvullen van de aanvraag na het verstrijken van deze termijn op een wijze dat
wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften voor het in behandeling nemen van de aanvraag, of
de verstrekte gegevens en bescheiden voldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag
tot een verlaging van de subsidie waarop de aanvraag betrekking heeft met 0,5% per werkdag ten opzichte van de subsidie waarop de subsidieontvanger recht zou hebben gehad indien hij zou hebben voldaan aan de wettelijk voorschriften voor het in behandeling nemen van de aanvraag of indien de verstrekte gegevens en bescheiden voldoende zouden zijn geweest voor de beoordeling van de aanvraag.
2. Indien het aanvullen van de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, niet heeft plaatsgevonden binnen 25 dagen na het verstrijken van de door het bestuursorgaan gestelde termijn, wordt, behoudens overmacht, de subsidie 10% lager vastgesteld of overeenkomstig ten nadele van de ontvanger gewijzigd indien, ondanks het achterwege blijven van deze aanvulling, kan worden vastgesteld of de te subsidiëren of gesubsidieerde activiteit heeft of activiteiten hebben plaatsgevonden.