BWBR0013021
Geldig vanaf 2001-11-28
Artikel 4
Investeringsregeling biologische varkenshouderij
1. De subsidie kan slechts worden verleend aan een natuurlijke persoon of rechtspersoon, indien deze:
a. op het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening voor eigen rekening en risico: 1° als eigenaar, gerechtigde of als pachter een landbouwbedrijf exploiteert, of
2° blijkens de van kracht zijnde statuten de exploitatie van een landbouwbedrijf ten doel heeft,
1° als eigenaar, gerechtigde of als pachter een landbouwbedrijf exploiteert, of
2° blijkens de van kracht zijnde statuten de exploitatie van een landbouwbedrijf ten doel heeft,
b. als eigenaar, gerechtigde onderscheidenlijk pachter op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening geen recht heeft op een ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet,
c. als eigenaar, gerechtigde, of pachter dan wel als directeur/bedrijfsleider beschikt over voldoende agrarische vakbekwaamheid, hetgeen blijkt uit: 1° het bezit van een getuigschrift van een erkende landbouwkundige opleiding onderscheidenlijk van een opleiding van een hiermee gelijkwaardig niveau, of
2° de omstandigheid dat hij ten minste drie jaren op een landbouwbedrijf werkzaam is geweest,
1° het bezit van een getuigschrift van een erkende landbouwkundige opleiding onderscheidenlijk van een opleiding van een hiermee gelijkwaardig niveau, of
2° de omstandigheid dat hij ten minste drie jaren op een landbouwbedrijf werkzaam is geweest,
d. voldoet aan de geldende nationale en Europese minimumnormen op het gebied van milieu, hygiëne en dierenwelzijn, hetgeen betekent dat hij op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening het landbouwbedrijf uitoefent met inachtneming van de geldende nationale en Europese minimumnormen op het gebied van milieu, dierenwelzijn en hygiëne, hetgeen in ieder geval omvat de geldende normen bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet verontreiniging oppervlaktewater, de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming, de Bestrijdingsmiddelenwet 1962, de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Diergeneesmiddelenwet en de Plantenziektewet.
e. in het bezit is van een of meerdere afnamecontracten die voor het totaal aantal te produceren varkens op het landbouwbedrijf, de afzet garandeert;
f. in het bezit is van een bedrijfsaansluitingsbevestiging;
g. een landbouwbedrijf exploiteert waarvan de economische levensvatbaarheid op het tijdstip van indiening van de aanvraag tot subsidieverlening kan worden aangetoond.
2. Indien meer dan een natuurlijke persoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteren, kan een subsidie worden verleend indien ten minste een van de natuurlijke personen die het landbouwbedrijf exploiteren op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening eigenaar, gerechtigde of pachter van dit landbouwbedrijf is en voldoet aan het bepaalde in het eerste lid. Indien meer dan een rechtspersoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteert, kan een subsidie worden verleend indien tenminste een directeur/bedrijfsleider van één van de deelnemende rechtspersonen voldoet aan het eerste lid.
a. op het tijdstip van indienen van de aanvraag tot subsidieverlening voor eigen rekening en risico: 1° als eigenaar, gerechtigde of als pachter een landbouwbedrijf exploiteert, of
2° blijkens de van kracht zijnde statuten de exploitatie van een landbouwbedrijf ten doel heeft,
1° als eigenaar, gerechtigde of als pachter een landbouwbedrijf exploiteert, of
2° blijkens de van kracht zijnde statuten de exploitatie van een landbouwbedrijf ten doel heeft,
b. als eigenaar, gerechtigde onderscheidenlijk pachter op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening geen recht heeft op een ouderdomspensioen ingevolge de Algemene Ouderdomswet,
c. als eigenaar, gerechtigde, of pachter dan wel als directeur/bedrijfsleider beschikt over voldoende agrarische vakbekwaamheid, hetgeen blijkt uit: 1° het bezit van een getuigschrift van een erkende landbouwkundige opleiding onderscheidenlijk van een opleiding van een hiermee gelijkwaardig niveau, of
2° de omstandigheid dat hij ten minste drie jaren op een landbouwbedrijf werkzaam is geweest,
1° het bezit van een getuigschrift van een erkende landbouwkundige opleiding onderscheidenlijk van een opleiding van een hiermee gelijkwaardig niveau, of
2° de omstandigheid dat hij ten minste drie jaren op een landbouwbedrijf werkzaam is geweest,
d. voldoet aan de geldende nationale en Europese minimumnormen op het gebied van milieu, hygiëne en dierenwelzijn, hetgeen betekent dat hij op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening het landbouwbedrijf uitoefent met inachtneming van de geldende nationale en Europese minimumnormen op het gebied van milieu, dierenwelzijn en hygiëne, hetgeen in ieder geval omvat de geldende normen bij of krachtens de Wet milieubeheer, de Wet verontreiniging oppervlaktewater, de Meststoffenwet, de Wet bodembescherming, de Bestrijdingsmiddelenwet 1962, de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, de Diergeneesmiddelenwet en de Plantenziektewet.
e. in het bezit is van een of meerdere afnamecontracten die voor het totaal aantal te produceren varkens op het landbouwbedrijf, de afzet garandeert;
f. in het bezit is van een bedrijfsaansluitingsbevestiging;
g. een landbouwbedrijf exploiteert waarvan de economische levensvatbaarheid op het tijdstip van indiening van de aanvraag tot subsidieverlening kan worden aangetoond.
2. Indien meer dan een natuurlijke persoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteren, kan een subsidie worden verleend indien ten minste een van de natuurlijke personen die het landbouwbedrijf exploiteren op het tijdstip van het indienen van de aanvraag tot subsidieverlening eigenaar, gerechtigde of pachter van dit landbouwbedrijf is en voldoet aan het bepaalde in het eerste lid. Indien meer dan een rechtspersoon voor gezamenlijke rekening en risico een landbouwbedrijf exploiteert, kan een subsidie worden verleend indien tenminste een directeur/bedrijfsleider van één van de deelnemende rechtspersonen voldoet aan het eerste lid.