BWBR0012876
Geldig vanaf 2001-10-15
Artikel 4
Regeling standaard-BvL
Naast de in artikel 1genoemde documenten worden, voor een luchtvaartuig dat is vervaardigd in een staat, waarmee Nederland een overeenkomst heeft gesloten inzake wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid en dat wordt geïmporteerd uit een staat waarmee Nederland geen overeenkomst heeft gesloten inzake wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid, voor de afgifte van het standaard-BvL bij de Minister van Verkeer en Waterstaat de volgende documenten ingediend:
a. het destijds door de staat, waarin het luchtvaartuig is vervaardigd, afgegeven bewijs van luchtwaardigheid voor export;
b. de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat, of het door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type-ontwerp, dan wel een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde luchtwaardigheidseisen, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.
a. het destijds door de staat, waarin het luchtvaartuig is vervaardigd, afgegeven bewijs van luchtwaardigheid voor export;
b. de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat, of het door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type-ontwerp, dan wel een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde luchtwaardigheidseisen, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.