BWBR0012876
Geldig vanaf 2001-10-15
Artikel 2
Regeling standaard-BvL
Naast de in artikel 1genoemde documenten worden voor een luchtvaartuig, dat voldoet aan een type-certificaat dat door de Minister van Verkeer en Waterstaat is afgegeven op basis van een door de JAA uitgevoerde certificatie procedure voor de afgifte van het standaard-BvL, bij de Minister van Verkeer en Waterstaat de volgende documenten ingediend:
a. voor een nieuw luchtvaartuig dat geproduceerd is in een JAA-lidstaat, genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage 2: 1º een verklaring van conformiteit van de houder van een POA, of
2º in geval van productie met een toestemming volgens JAR 21 subpart F, een verklaring van conformiteit van de producent, bekrachtigd door de autoriteit van die JAA-lidstaat;
1º een verklaring van conformiteit van de houder van een POA, of
2º in geval van productie met een toestemming volgens JAR 21 subpart F, een verklaring van conformiteit van de producent, bekrachtigd door de autoriteit van die JAA-lidstaat;
b. voor een nieuw luchtvaartuig dat geproduceerd is in een staat waarmee de Minister van Verkeer en Waterstaat een overeenkomst heeft gesloten aangaande wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid niet zijnde een JAA-lidstaat als bedoeld onder a: 1º een verklaring van de autoriteit van het exporterende land, dat het luchtvaartuig voldoet aan een door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type ontwerp, afgegeven in overeenstemming met de overeenkomst;
1º een verklaring van de autoriteit van het exporterende land, dat het luchtvaartuig voldoet aan een door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type ontwerp, afgegeven in overeenstemming met de overeenkomst;
c. voor een gebruikt luchtvaartuig komende uit een JAA-lidstaat genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage 2: 1º een geldig bewijs van luchtwaardigheid afgegeven door de bevoegde autoriteit van die JAA-lidstaat, of
2º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie;
1º een geldig bewijs van luchtwaardigheid afgegeven door de bevoegde autoriteit van die JAA-lidstaat, of
2º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie;
d. voor een gebruikt luchtvaartuig komende uit een staat waarmee de Minister van Verkeer en Waterstaat een overeenkomst heeft gesloten, aangaande wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid niet zijnde een JAA-lidstaat als bedoeld onder c: 1º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.
1º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.
a. voor een nieuw luchtvaartuig dat geproduceerd is in een JAA-lidstaat, genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage 2: 1º een verklaring van conformiteit van de houder van een POA, of
2º in geval van productie met een toestemming volgens JAR 21 subpart F, een verklaring van conformiteit van de producent, bekrachtigd door de autoriteit van die JAA-lidstaat;
1º een verklaring van conformiteit van de houder van een POA, of
2º in geval van productie met een toestemming volgens JAR 21 subpart F, een verklaring van conformiteit van de producent, bekrachtigd door de autoriteit van die JAA-lidstaat;
b. voor een nieuw luchtvaartuig dat geproduceerd is in een staat waarmee de Minister van Verkeer en Waterstaat een overeenkomst heeft gesloten aangaande wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid niet zijnde een JAA-lidstaat als bedoeld onder a: 1º een verklaring van de autoriteit van het exporterende land, dat het luchtvaartuig voldoet aan een door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type ontwerp, afgegeven in overeenstemming met de overeenkomst;
1º een verklaring van de autoriteit van het exporterende land, dat het luchtvaartuig voldoet aan een door de Minister van Verkeer en Waterstaat geaccepteerd type ontwerp, afgegeven in overeenstemming met de overeenkomst;
c. voor een gebruikt luchtvaartuig komende uit een JAA-lidstaat genoemd in de bij deze regeling behorende bijlage 2: 1º een geldig bewijs van luchtwaardigheid afgegeven door de bevoegde autoriteit van die JAA-lidstaat, of
2º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie;
1º een geldig bewijs van luchtwaardigheid afgegeven door de bevoegde autoriteit van die JAA-lidstaat, of
2º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie;
d. voor een gebruikt luchtvaartuig komende uit een staat waarmee de Minister van Verkeer en Waterstaat een overeenkomst heeft gesloten, aangaande wederzijdse erkenning van bewijzen van luchtwaardigheid niet zijnde een JAA-lidstaat als bedoeld onder c: 1º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.
1º de documenten waaruit blijkt dat het luchtvaartuig in overeenstemming is met het type-certificaat dan wel met een aanvullend type-certificaat dat voor het type-ontwerp is afgegeven, alsmede met de van toepassing zijnde luchtwaardigheidsaanwijzingen en na inspectie volgens de van toepassing zijnde JAR, luchtwaardig is bevonden en geschikt voor veilige operatie.