BWBR0012811
Geldig vanaf 2020-12-06
Artikel 98
Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001
1. Indien het vermoeden bestaat dat de met het reisdocument gepleegde onregelmatigheden strafbare feiten opleveren en de vermoedelijke dader bekend is, wordt daarvan onder gelijktijdige overlegging van het desbetreffende reisdocument aangifte gedaan bij de plaatselijke politie en melding gemaakt aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee, met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier.
2. Indien het vermoeden bestaat dat de met het reisdocument gepleegde onregelmatigheden strafbare feiten opleveren en de vermoedelijke dader niet bekend is, wordt het desbetreffende reisdocument per aangetekende post met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee gezonden.
3. De Commandant van het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee onttrekt het reisdocument, bedoeld in het vorige lid, definitief aan het verkeer door middel van vernietiging als bedoeld in artikel 67, eerste lid.
2. Indien het vermoeden bestaat dat de met het reisdocument gepleegde onregelmatigheden strafbare feiten opleveren en de vermoedelijke dader niet bekend is, wordt het desbetreffende reisdocument per aangetekende post met gebruikmaking van het daartoe door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties beschikbaar gestelde formulier aan het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee gezonden.
3. De Commandant van het Expertisecentrum Identiteitsfraude en Documenten van de Koninklijke Marechaussee onttrekt het reisdocument, bedoeld in het vorige lid, definitief aan het verkeer door middel van vernietiging als bedoeld in artikel 67, eerste lid.