BWBR0012811
Geldig vanaf 2020-12-06
Artikel 100h
Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001
1. Na de verstrekking worden de datum waarop het nooddocument uiterlijk moet worden ingeleverd en de autoriteit bij wie de inlevering dient plaats te vinden, in het reisdocumentenstation vastgelegd.
2. De in het eerste lid bedoelde datum is de datum waarop de geldigheidsduur van het nooddocument eindigt.
3. De ingevolge het eerste lid te vermelden autoriteit is:
a. de burgemeester of de gezaghebber van de woon- of verblijfplaats van de houder, dan wel
b. de door de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten aangewezen autoriteit, bevoegd tot het in ontvangst nemen van aanvragen voor nationale paspoorten, indien de houder in Aruba, Curaçao of Sint Maarten woonachtig is, dan wel
c. de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, indien de houder het nieuwe reisdocument bij de Gouverneur zal aanvragen, dan wel
d. het hoofd van de Nederlandse consulaire post in het buitenland, waar de houder het nieuwe reisdocument zal aanvragen.
2. De in het eerste lid bedoelde datum is de datum waarop de geldigheidsduur van het nooddocument eindigt.
3. De ingevolge het eerste lid te vermelden autoriteit is:
a. de burgemeester of de gezaghebber van de woon- of verblijfplaats van de houder, dan wel
b. de door de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten aangewezen autoriteit, bevoegd tot het in ontvangst nemen van aanvragen voor nationale paspoorten, indien de houder in Aruba, Curaçao of Sint Maarten woonachtig is, dan wel
c. de Gouverneur van Aruba, Curaçao of Sint Maarten, indien de houder het nieuwe reisdocument bij de Gouverneur zal aanvragen, dan wel
d. het hoofd van de Nederlandse consulaire post in het buitenland, waar de houder het nieuwe reisdocument zal aanvragen.