BWBR0012811
Geldig vanaf 2020-12-06
Artikel 27
Paspoortuitvoeringsregeling Nederland 2001
1. Indien zijn eerder uitgereikt reisdocument mogelijk voorwerp is van fraude, is vermist of op andere gronden dan ingevolge de wetdoor een daartoe bevoegde autoriteit is ingenomen, kan de aanvrager een aanvraag voor een reisdocument indienen, indien hij de vermissing, mogelijke fraude, onderscheidenlijke inname, overeenkomstig artikel 60meldt of heeft gemeld.
2. In de aanvraag worden vermeld:
a. mogelijke fraude, de vermissing, of inname op andere gronden dan ingevolge de wet,
b. het nummer van het desbetreffende reisdocument en de autoriteit die het heeft verstrekt, en
c. de datum waarop de in artikel 60, tweede tot en met zesde lid bedoelde schriftelijke dan wel elektronische verklaringen, zijn afgelegd.
3. Indien een gegeven als bedoeld in het tweede lid, onder b of c, niet voorhanden is, wordt hiernaar een gericht onderzoek ingesteld.
2. In de aanvraag worden vermeld:
a. mogelijke fraude, de vermissing, of inname op andere gronden dan ingevolge de wet,
b. het nummer van het desbetreffende reisdocument en de autoriteit die het heeft verstrekt, en
c. de datum waarop de in artikel 60, tweede tot en met zesde lid bedoelde schriftelijke dan wel elektronische verklaringen, zijn afgelegd.
3. Indien een gegeven als bedoeld in het tweede lid, onder b of c, niet voorhanden is, wordt hiernaar een gericht onderzoek ingesteld.