BWBR0012810
Geldig vanaf 2020-12-06
Artikel 68a
Paspoortuitvoeringsregeling Buitenland 2001
1. De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verzendt direct na uitreiking de persoonlijke PIN-code en de intrekkingscode aan de houder van de Nederlandse identiteitskaart.
2. Indien de houder de toegezonden PIN-code met intrekkingscode heeft verloren, verstrekt de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op zijn verzoek:
a. dat binnen zes weken na uitreiking is gedaan, deze codes opnieuw, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt;
b. dat later dan zes weken na uitreiking is gedaan, nieuwe codes, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt;
c. dat een verzoek betreft in verband met een PIN-code die al tijdens het activeringsproces van het publieke middels is gewijzigd, na identificatie nieuwe codes, tenzij de houder de intrekkingscode heeft gebruikt.
2. Indien de houder de toegezonden PIN-code met intrekkingscode heeft verloren, verstrekt de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties op zijn verzoek:
a. dat binnen zes weken na uitreiking is gedaan, deze codes opnieuw, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt;
b. dat later dan zes weken na uitreiking is gedaan, nieuwe codes, tenzij de houder tijdens het activeringsproces van het publiek identificatiemiddel de PIN-code heeft gewijzigd of de intrekkingscode heeft gebruikt;
c. dat een verzoek betreft in verband met een PIN-code die al tijdens het activeringsproces van het publieke middels is gewijzigd, na identificatie nieuwe codes, tenzij de houder de intrekkingscode heeft gebruikt.