BWBR0012803
Geldig vanaf 2001-09-20
Artikel 22
Regeling bouw en inrichting archiefruimten en archiefbewaarplaatsen
1. In de directe nabijheid van de uitgang(en) van de archiefbewaarplaats en op de plaats het verst verwijderd van de uitgang zijn op een goed zichtbare plaats in de ruimte een of meer koolzuursneeuwblussers geplaatst die voldoen aan het Besluit draagbare blustoestellen 1997, elk met een nuttige inhoud van tenminste 5 kg.
2. In de directe nabijheid van de toegang tot de archiefbewaarplaats is aan de buitenzijde van de bewaarplaats een slanghaspel geplaatst, welke voldoet aan NEN-EN 671-1.
3. Indien een archiefbewaarplaats of een compartiment daarvan groter is dan omschreven in artikel 9, tweede of derde lid, is deze na overleg met de brandweer voorzien van een sprinklerinstallatie, uitgevoerd als gecommandeerd systeem; het brandmeldsysteem kan daarbij worden uitgevoerd volgens het systeem van twee-groepsafhankelijkheid, twee-melderafhankelijkheid of dubbeltoetsmethode; de uitvoering met water in de leidingen verdient de voorkeur.
4. In afwijking van het derde lid is een gasblusinstallatie gericht op zuurstofverdrijving toegestaan, mits het gasmengsel veilig voor personen en chemisch indifferent is ten opzichte van archiefbescheiden, er geen gassen bij de vuurhaard worden gevormd die kunnen reageren met archiefbescheiden en de installatie zodanig is uitgevoerd, dat deze geen fysische schade toebrengt aan de archiefbescheiden.
2. In de directe nabijheid van de toegang tot de archiefbewaarplaats is aan de buitenzijde van de bewaarplaats een slanghaspel geplaatst, welke voldoet aan NEN-EN 671-1.
3. Indien een archiefbewaarplaats of een compartiment daarvan groter is dan omschreven in artikel 9, tweede of derde lid, is deze na overleg met de brandweer voorzien van een sprinklerinstallatie, uitgevoerd als gecommandeerd systeem; het brandmeldsysteem kan daarbij worden uitgevoerd volgens het systeem van twee-groepsafhankelijkheid, twee-melderafhankelijkheid of dubbeltoetsmethode; de uitvoering met water in de leidingen verdient de voorkeur.
4. In afwijking van het derde lid is een gasblusinstallatie gericht op zuurstofverdrijving toegestaan, mits het gasmengsel veilig voor personen en chemisch indifferent is ten opzichte van archiefbescheiden, er geen gassen bij de vuurhaard worden gevormd die kunnen reageren met archiefbescheiden en de installatie zodanig is uitgevoerd, dat deze geen fysische schade toebrengt aan de archiefbescheiden.