BWBR0012262
Geldig vanaf 2001-03-02
Artikel 5
Besluit samenstelling en werkwijze toetsingscommissie uittreding zittende magistratuur
1. De commissie behandelt een adviesaanvraag in de volgende samenstelling:
a. de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter;
b. een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b; en
c. een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c.
2. De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft, vragen om zijn verzoek toe te lichten.
3. De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft of diens functionele autoriteit vragen om inlichtingen te geven.
4. Indien de toelichting van het verzoek, bedoeld in het tweede lid, of het geven van inlichtingen, bedoeld in het derde lid, mondeling geschiedt, wordt hiervan een schriftelijk verslag opgemaakt.
a. de voorzitter of de plaatsvervangend voorzitter;
b. een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b; en
c. een lid of een plaatsvervangend lid als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c.
2. De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft, vragen om zijn verzoek toe te lichten.
3. De commissie kan degene op wiens verzoek om ontslag de adviesaanvraag betrekking heeft of diens functionele autoriteit vragen om inlichtingen te geven.
4. Indien de toelichting van het verzoek, bedoeld in het tweede lid, of het geven van inlichtingen, bedoeld in het derde lid, mondeling geschiedt, wordt hiervan een schriftelijk verslag opgemaakt.