BWBR0012205
Geldig vanaf 2001-02-09
Artikel 9
Regeling huisvesting en verzorging proefdieren
1. Dierverblijven zijn voorzien van een goed functionerend ventilatiesysteem.
2. Het ventilatievoud is afgestemd op de bezettingsgraad in de dierverblijven.
3. Voor knaagdieren en konijnen is in het algemeen een ventilatievoud van 8 voldoende. Bij een hoge bezettingsgraad wordt een ventilatievoud van minimaal 15 gehandhaafd. Voor honden en katten bedraagt het ventilatievoud 10 tot 12.
2. Het ventilatievoud is afgestemd op de bezettingsgraad in de dierverblijven.
3. Voor knaagdieren en konijnen is in het algemeen een ventilatievoud van 8 voldoende. Bij een hoge bezettingsgraad wordt een ventilatievoud van minimaal 15 gehandhaafd. Voor honden en katten bedraagt het ventilatievoud 10 tot 12.