BWBR0012103
Geldig vanaf 2016-07-13
Artikel 14
Regeling bijzondere ontslaguitkering politie
1. Het recht op de uitkering eindigt:
a. met ingang van de dag waarop betrokkene recht verkrijgt op een WAO-uitkering;
b. met ingang van de dag volgende op die waarop de betrokkene is overleden;
c. met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die waarin de betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.
2. Het recht op de uitkering kan geheel of ten dele vervallen worden verklaard indien de betrokkene:
a. zich zodanig gedraagt dat hij, ware hij in dienst gebleven, zou zijn ontslagen;
b. weigert mee te werken aan een onderzoek tot vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheid ter verkrijging van een WAO-uitkering.
a. met ingang van de dag waarop betrokkene recht verkrijgt op een WAO-uitkering;
b. met ingang van de dag volgende op die waarop de betrokkene is overleden;
c. met ingang van de eerste dag van de maand volgende op die waarin de betrokkene de leeftijd van 65 jaar heeft bereikt.
2. Het recht op de uitkering kan geheel of ten dele vervallen worden verklaard indien de betrokkene:
a. zich zodanig gedraagt dat hij, ware hij in dienst gebleven, zou zijn ontslagen;
b. weigert mee te werken aan een onderzoek tot vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheid ter verkrijging van een WAO-uitkering.