BWBR0012018
Geldig vanaf 2001-01-01
Artikel 4
Regeling kinderopvang en buitenschoolse opvang alleenstaande ouders 2001
1. Het voor deze regeling beschikbare budget bedraagt f 125.600.000,-.
2. De maximale subsidie per gemeente wordt op basis van het bedrag genoemd in het eerste lid bepaald naar evenredigheid van het aantal alleenstaande ouders, dat volgens de facettencode CBS per ultimo 1999 in de gemeente woonplaats had en als zodanig algemene bijstand op grond van de Algemene bijstandswetontving, waarbij de subsidie in ieder geval per gemeente die een aanvraag doet op basis van deze regeling het equivalent is van één volledige kinderopvangplaats. De uit de eerste volzin voortvloeiende maximaal beschikbare subsidie per gemeente is opgenomen in bijlage 1bij deze regeling.
3. Indien de ontwikkeling van de lonen in de gepremieerde en gesubsidieerde sector of de ontwikkeling van het prijsindexcijfer van de particuliere gezinsconsumptie daartoe aanleiding geeft wordt het bedrag, bedoeld in het eerste lid, door de minister herzien en bekend gemaakt in de Staatscourant.
2. De maximale subsidie per gemeente wordt op basis van het bedrag genoemd in het eerste lid bepaald naar evenredigheid van het aantal alleenstaande ouders, dat volgens de facettencode CBS per ultimo 1999 in de gemeente woonplaats had en als zodanig algemene bijstand op grond van de Algemene bijstandswetontving, waarbij de subsidie in ieder geval per gemeente die een aanvraag doet op basis van deze regeling het equivalent is van één volledige kinderopvangplaats. De uit de eerste volzin voortvloeiende maximaal beschikbare subsidie per gemeente is opgenomen in bijlage 1bij deze regeling.
3. Indien de ontwikkeling van de lonen in de gepremieerde en gesubsidieerde sector of de ontwikkeling van het prijsindexcijfer van de particuliere gezinsconsumptie daartoe aanleiding geeft wordt het bedrag, bedoeld in het eerste lid, door de minister herzien en bekend gemaakt in de Staatscourant.