BWBR0011747
Geldig vanaf 2000-11-01
Artikel 7
Besluit BOA Dienst Water en Milieu van de provincie Utrecht 2000
1. Het hoofd van het bureau handhaving van de Dienst Water en Milieu van de provincie Utrecht brengt jaarlijks, voor 1 april, met betrekking tot de onder diens verantwoordelijkheid werkzame buitengewoon opsporingsambtenaren verslag uit over:
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren binnen voornoemd bedrijf;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in dat jaar voor die Cito-toets zijn geslaagd.
2. Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld in artikel 5van dit besluit, alsmede aan het Minister van Justitie, directie Bestuurszaken, afd. IBB, postbus 20300, 2500 EH Den Haag.
a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren binnen voornoemd bedrijf;
b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten;
c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in dat jaar voor die Cito-toets zijn geslaagd.
2. Dit verslag dient te worden toegezonden aan de toezichthouder en de direct toezichthouder, als bedoeld in artikel 5van dit besluit, alsmede aan het Minister van Justitie, directie Bestuurszaken, afd. IBB, postbus 20300, 2500 EH Den Haag.