BWBR0011723
Geldig vanaf 2000-11-10
Artikel 11
Interimbesluit capaciteitstoewijzing spoorwegen
1. Indien het overleg, bedoeld in artikel 10, derde lid, niet tot verenigbaarheid van de aanvragen van spoorwegondernemingen of bestuursorganen als bedoeld in artikel 8, eerste lid, onderdeel b, heeft geleid, neemt Railned, met uitzondering van het geval van artikel 13, zo nodig in afwijking van de aanvragen en zoveel mogelijk op basis van vergelijking van meerdere toewijzingsvarianten, een besluit tot capaciteitstoewijzing met afweging van ten minste de volgende belangen:
a. het bereiken van de minimale niveaus van capaciteitstoewijzing, bedoeld in artikel 6;
b. het doelmatig gebruiken van de spoorweginfrastructuur;
c. het bedrijfseconomische nadeel van de ene aanvrager is niet onevenredig groot ten opzichte van het bedrijfseconomische voordeel van een andere aanvrager;
d. het zoveel mogelijk minimaliseren van de reistijd van de betrokken reizigers, gewogen naar reizigersaantallen, voor zover het slechts onverenigbare aanvragen voor het personenvervoer betreft;
e. het toewijzen van een aanvraag om capaciteitstoewijzing van spoorwegondernemingen die voor de eerste keer toetreden tot de markt van het goederenvervoer per spoor, waarbij dit belang voor die nieuwe spoorwegonderneming geldt tot een maximum van 15% van de totale capaciteit voor het goederenvervoer, voor zover het slechts onverenigbare aanvragen voor het goederenvervoer betreft.
2. Indien Railned, in geval het capaciteit ten behoeve van het stilstaan van spoorvoertuigen betreft, met toepassing van het eerste lid geen besluit tot capaciteitstoewijzing kan nemen, neemt Railned een besluit tot capaciteitstoewijzing door loting.
a. het bereiken van de minimale niveaus van capaciteitstoewijzing, bedoeld in artikel 6;
b. het doelmatig gebruiken van de spoorweginfrastructuur;
c. het bedrijfseconomische nadeel van de ene aanvrager is niet onevenredig groot ten opzichte van het bedrijfseconomische voordeel van een andere aanvrager;
d. het zoveel mogelijk minimaliseren van de reistijd van de betrokken reizigers, gewogen naar reizigersaantallen, voor zover het slechts onverenigbare aanvragen voor het personenvervoer betreft;
e. het toewijzen van een aanvraag om capaciteitstoewijzing van spoorwegondernemingen die voor de eerste keer toetreden tot de markt van het goederenvervoer per spoor, waarbij dit belang voor die nieuwe spoorwegonderneming geldt tot een maximum van 15% van de totale capaciteit voor het goederenvervoer, voor zover het slechts onverenigbare aanvragen voor het goederenvervoer betreft.
2. Indien Railned, in geval het capaciteit ten behoeve van het stilstaan van spoorvoertuigen betreft, met toepassing van het eerste lid geen besluit tot capaciteitstoewijzing kan nemen, neemt Railned een besluit tot capaciteitstoewijzing door loting.