BWBR0011723
Geldig vanaf 2000-11-10
Artikel 10
Interimbesluit capaciteitstoewijzing spoorwegen
1. Railned neemt een besluit tot capaciteitstoewijzing overeenkomstig de aanvraag, tenzij:
a. de aanvraag niet verenigbaar is met de minimale niveaus van capaciteitstoewijzing die gelden ingevolge de artikelen 6 en 7;
b. de aanvraag niet verenigbaar is met andere aanvragen of
c. de spoorweginfrastructuur feitelijk niet beschikbaar is.
2. Railned kan aan een besluit tot capaciteitstoewijzing beperkingen en voorschriften verbinden.
3. Indien een besluit tot capaciteitstoewijzing ingevolge het eerste lid niet overeenkomstig de aanvraag toegewezen kan worden, treedt Railned in overleg met de betrokken partijen en stelt hen in de gelegenheid:
a. hun aanvraag te wijzigen of in te trekken;
b. in te stemmen met een wijziging van de aan hen toegewezen capaciteit of
c. in te stemmen met een afwijking van de gangbare planningsnormen, indien daardoor slechts de treindiensten van de betrokken aanvragers een hoger risico van verstoorde verkeersafwikkeling lopen.
a. de aanvraag niet verenigbaar is met de minimale niveaus van capaciteitstoewijzing die gelden ingevolge de artikelen 6 en 7;
b. de aanvraag niet verenigbaar is met andere aanvragen of
c. de spoorweginfrastructuur feitelijk niet beschikbaar is.
2. Railned kan aan een besluit tot capaciteitstoewijzing beperkingen en voorschriften verbinden.
3. Indien een besluit tot capaciteitstoewijzing ingevolge het eerste lid niet overeenkomstig de aanvraag toegewezen kan worden, treedt Railned in overleg met de betrokken partijen en stelt hen in de gelegenheid:
a. hun aanvraag te wijzigen of in te trekken;
b. in te stemmen met een wijziging van de aan hen toegewezen capaciteit of
c. in te stemmen met een afwijking van de gangbare planningsnormen, indien daardoor slechts de treindiensten van de betrokken aanvragers een hoger risico van verstoorde verkeersafwikkeling lopen.