BWBR0011558
Geldig vanaf 2014-02-10
Artikel 1e
Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden
1. Uitgesloten van promotie of het plusprogramma zijn gedetineerden:
a. tegen wie het openbaar ministerie een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders vordert;
b. die zijn geplaatst in een Justitieel Medisch Centrum als bedoeld in artikel 19 of in een Penitentiair Psychiatrisch Centrum als bedoeld in artikel 20c;
c. die zijn geplaatst in een uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling als bedoeld in artikel 5, een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 6, of een Terroristen Afdeling als bedoeld in artikel 20a;
d. die zijn geplaatst in het Pieter Baan Centrum, als bedoeld in artikel 12, en in een Justitieel Medisch Centrum, als bedoeld in artikel 19;
e. die gedurende de eerste acht weken van hun detentie verblijven in een regime voor arrestanten;
f. die zijn geplaatst in een huis van bewaring.
2. Gedurende een periode van zes weken voorafgaand aan het moment van indienen van het selectieadvies tot aan de daadwerkelijke overplaatsing naar de gevangenis, beoordeelt de directeur van het huis van bewaring aan de hand van bijlage 1en 2het gedrag van de gedetineerde. De directeur legt deze beoordeling vast in een besluit dat wordt uitgereikt aan de gedetineerde en dat wordt toegezonden aan de directeur van de gevangenis waar de gedetineerde wordt geplaatst. Indien uit de beoordeling van de directeur van het huis van bewaring volgt dat de gedetineerde gedurende de beoordelingsperiode gewenst gedrag heeft laten zien, dan wordt de gedetineerde door de directeur van de gevangenis in het plusprogramma geplaatst.
a. tegen wie het openbaar ministerie een maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders vordert;
b. die zijn geplaatst in een Justitieel Medisch Centrum als bedoeld in artikel 19 of in een Penitentiair Psychiatrisch Centrum als bedoeld in artikel 20c;
c. die zijn geplaatst in een uitgebreid beveiligde inrichting of afdeling als bedoeld in artikel 5, een extra beveiligde inrichting als bedoeld in artikel 6, of een Terroristen Afdeling als bedoeld in artikel 20a;
d. die zijn geplaatst in het Pieter Baan Centrum, als bedoeld in artikel 12, en in een Justitieel Medisch Centrum, als bedoeld in artikel 19;
e. die gedurende de eerste acht weken van hun detentie verblijven in een regime voor arrestanten;
f. die zijn geplaatst in een huis van bewaring.
2. Gedurende een periode van zes weken voorafgaand aan het moment van indienen van het selectieadvies tot aan de daadwerkelijke overplaatsing naar de gevangenis, beoordeelt de directeur van het huis van bewaring aan de hand van bijlage 1en 2het gedrag van de gedetineerde. De directeur legt deze beoordeling vast in een besluit dat wordt uitgereikt aan de gedetineerde en dat wordt toegezonden aan de directeur van de gevangenis waar de gedetineerde wordt geplaatst. Indien uit de beoordeling van de directeur van het huis van bewaring volgt dat de gedetineerde gedurende de beoordelingsperiode gewenst gedrag heeft laten zien, dan wordt de gedetineerde door de directeur van de gevangenis in het plusprogramma geplaatst.