BWBR0011558
Geldig vanaf 2014-02-10
Artikel 24
Regeling selectie, plaatsing en overplaatsing van gedetineerden
1. De eerste plaatsing van een voorlopig gehechte gedetineerde die in afwachting is van berechting in eerste aanleg geschiedt in een huis van bewaring, bij voorkeur gelegen in of toegewezen aan het arrondissement van vervolging, tenzij er sprake is van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt.
2. Op voorstel van de directeur dan wel op grond van een verzoek bedoeld in artikel 18 van de wet, kan de selectiefunctionaris de gedetineerde overplaatsen naar een ander huis van bewaring, al dan niet met een ander niveau van beveiliging of een ander regime. In geval van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt, kan de selectiefunctionaris vanwege dit risico periodiek tot overplaatsing besluiten.
3. Indien de overplaatsing mede gebaseerd is op het risicoprofiel, bedoeld in artikel 22, eerste lid, beoordeelt de selectiefunctionaris of de informatie op basis waarvan het risicoprofiel is vastgesteld, nog ongewijzigd van toepassing is. Zonodig wordt het risicoprofiel aangepast aan de gewijzigde omstandigheden.
4. Indien de selectiefunctionaris voornemens is de gedetineerde te selecteren voor een inrichting of afdeling waarvoor een selectie-adviescommissie bestaat, legt de selectiefunctionaris zijn voorgenomen besluit ter advisering aan deze commissie voor.
5. In spoedeisende gevallen kan het in het vierde lid genoemde advies achterwege blijven. In dat geval spreekt de selectie-adviescommissie zich in de eerstvolgende vergadering alsnog uit over het plaatsingsbesluit.
2. Op voorstel van de directeur dan wel op grond van een verzoek bedoeld in artikel 18 van de wet, kan de selectiefunctionaris de gedetineerde overplaatsen naar een ander huis van bewaring, al dan niet met een ander niveau van beveiliging of een ander regime. In geval van een gedetineerde die een vlucht- of maatschappelijk risico vormt, kan de selectiefunctionaris vanwege dit risico periodiek tot overplaatsing besluiten.
3. Indien de overplaatsing mede gebaseerd is op het risicoprofiel, bedoeld in artikel 22, eerste lid, beoordeelt de selectiefunctionaris of de informatie op basis waarvan het risicoprofiel is vastgesteld, nog ongewijzigd van toepassing is. Zonodig wordt het risicoprofiel aangepast aan de gewijzigde omstandigheden.
4. Indien de selectiefunctionaris voornemens is de gedetineerde te selecteren voor een inrichting of afdeling waarvoor een selectie-adviescommissie bestaat, legt de selectiefunctionaris zijn voorgenomen besluit ter advisering aan deze commissie voor.
5. In spoedeisende gevallen kan het in het vierde lid genoemde advies achterwege blijven. In dat geval spreekt de selectie-adviescommissie zich in de eerstvolgende vergadering alsnog uit over het plaatsingsbesluit.