BWBR0010740
Geldig vanaf 01-07-2014
Artikel 4
Regeling eisen cockpitpersoneel en luchtverkeersdienstverleningspersoneel krijgsmacht
Personeel, belast met het geven van plaatselijke luchtverkeersleiding, voldoet aan de volgende eisen:
a. Theoretische bekwaamheid: 1. grondige kennis van de organisatie en werkwijze van de luchtverkeersbeveiliging;
2. grondige kennis van de voorschriften betreffende de luchtverkeersbeveiliging;
3. grondige kennis van de operationele voorschriften voor het gebruik van de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging;
4. grondige kennis van de wijze waarop de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging, wordt bediend;
5. grondige kennis van het samenstel van procedures die moeten worden gebruikt bij het leiden van het lucht- en grondverkeer bij de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst onder alle weersomstandigheden.
1. grondige kennis van de organisatie en werkwijze van de luchtverkeersbeveiliging;
2. grondige kennis van de voorschriften betreffende de luchtverkeersbeveiliging;
3. grondige kennis van de operationele voorschriften voor het gebruik van de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging;
4. grondige kennis van de wijze waarop de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging, wordt bediend;
5. grondige kennis van het samenstel van procedures die moeten worden gebruikt bij het leiden van het lucht- en grondverkeer bij de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst onder alle weersomstandigheden.
b. Praktische bekwaamheid: 1. goede bedrevenheid in het zelfstandig leiden en controleren van het luchtverkeer en het luchthavenluchtverkeer vanaf de verkeerstoren;
2. goede bedrevenheid in het gebruik van de radiotelefonieprocedures.
1. goede bedrevenheid in het zelfstandig leiden en controleren van het luchtverkeer en het luchthavenluchtverkeer vanaf de verkeerstoren;
2. goede bedrevenheid in het gebruik van de radiotelefonieprocedures.
a. Theoretische bekwaamheid: 1. grondige kennis van de organisatie en werkwijze van de luchtverkeersbeveiliging;
2. grondige kennis van de voorschriften betreffende de luchtverkeersbeveiliging;
3. grondige kennis van de operationele voorschriften voor het gebruik van de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging;
4. grondige kennis van de wijze waarop de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging, wordt bediend;
5. grondige kennis van het samenstel van procedures die moeten worden gebruikt bij het leiden van het lucht- en grondverkeer bij de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst onder alle weersomstandigheden.
1. grondige kennis van de organisatie en werkwijze van de luchtverkeersbeveiliging;
2. grondige kennis van de voorschriften betreffende de luchtverkeersbeveiliging;
3. grondige kennis van de operationele voorschriften voor het gebruik van de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging;
4. grondige kennis van de wijze waarop de apparatuur, geïnstalleerd bij de luchtverkeersbeveiliging, wordt bediend;
5. grondige kennis van het samenstel van procedures die moeten worden gebruikt bij het leiden van het lucht- en grondverkeer bij de plaatselijke luchtverkeersleidingsdienst onder alle weersomstandigheden.
b. Praktische bekwaamheid: 1. goede bedrevenheid in het zelfstandig leiden en controleren van het luchtverkeer en het luchthavenluchtverkeer vanaf de verkeerstoren;
2. goede bedrevenheid in het gebruik van de radiotelefonieprocedures.
1. goede bedrevenheid in het zelfstandig leiden en controleren van het luchtverkeer en het luchthavenluchtverkeer vanaf de verkeerstoren;
2. goede bedrevenheid in het gebruik van de radiotelefonieprocedures.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010740
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl