BWBR0010068
Geldig vanaf 01-01-2005
Artikel 2
Regeling vaststelling maximumpremies Wtz
Voor de categorie van personen die een overeenkomst van standaardverzekering heeft afgesloten, met uitzondering van de in de artikelen 1 en 4 bedoelde categorieën, bedraagt de premie een bedrag van ten hoogste € 142 per verzekerde per maand. Voor eigen, aangehuwde en pleegkinderen tot 30 jaar, die recht hebben op een tegemoetkoming ingevolge hoofdstuk 4 van de Wet tegemoetkoming onderwijsbijdrage en schoolkosten, dan wel voor wie aanspraak bestaat op kinderbijslag ingevolge de Algemene Kinderbijslag-wet of recht bestaat op persoonsgebonden aftrek wegens uitgaven voor levensonderhoud van kinderen ingevolge artikel 6.1, en afdeling 6.4, van de Wet inkomstenbelasting 2001 jo. artikel 35 en 36, van de Uitvoeringsregeling inkomstenbelasting 2001 en die tezamen met hun ouders of een van hun ouders zijn verzekerd, bedraagt de premie ten hoogste € 71 per kind per maand. Premie is voor ten hoogste drie kinderen verschuldigd.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0010068
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl