BWBR0010039
Geldig vanaf 1998-12-15
Artikel 8
Examenregeling frequentiegebruik
1. In afwijking van het bepaalde in deze regeling kan de voorzitter een bijzonder examen afnemen indien:
a. de gezondheidstoestand van een kandidaat het afnemen van het examen op de wijze, bedoeld in de artikelen 3, 14, derde lid, en 16 , niet toelaat;
b. een kandidaat gedurende lange periodes buiten Nederland verblijft;
c. een kandidaat onvoldoende de Nederlandse taal beheerst.
2. Tevens kan de voorzitter besluiten een bijzonder examen af te nemen indien bijzondere omstandigheden naar het oordeel van de voorzitter daartoe aanleiding geven.
3. Het bijzondere examen wordt afgenomen door twee leden van de commissie.
4. De voorzitter stelt datum, tijdstip en plaats van het bijzondere examen vast.
a. de gezondheidstoestand van een kandidaat het afnemen van het examen op de wijze, bedoeld in de artikelen 3, 14, derde lid, en 16 , niet toelaat;
b. een kandidaat gedurende lange periodes buiten Nederland verblijft;
c. een kandidaat onvoldoende de Nederlandse taal beheerst.
2. Tevens kan de voorzitter besluiten een bijzonder examen af te nemen indien bijzondere omstandigheden naar het oordeel van de voorzitter daartoe aanleiding geven.
3. Het bijzondere examen wordt afgenomen door twee leden van de commissie.
4. De voorzitter stelt datum, tijdstip en plaats van het bijzondere examen vast.