BWBR0009228
Geldig vanaf 2004-12-15
Artikel 16a
Regeling administratieve verplichtingen Meststoffenwet
1. Bij de aflevering van een vracht dierlijke meststoffen aan een vervoerder die deze vracht doorlevert aan een afnemer worden de onderdelen 1, 3a, 3b, met uitzondering van de postcode van de losplaats en de datum en het tijdstip van het lossen, 3c, met uitzondering van de code van het laboratorium en de kilogrammen fosfaat en stikstof, en 4 van het vervoersbewijs ingevuld en wordt het vervoersbewijs door de leverancier ondertekend.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, geschiedt met gebruikmaking van het formulier dat als model X , onderscheidenlijk model VII, VIII, IX , XI, of XII in artikel 4 van de Regeling vaststelling formulieren Wet verplaatsing mestproductieis vastgesteld.
3. Indien de dierlijke meststoffen niet worden geanalyseerd, worden, in zoverre in afwijking van het eerste lid, de onderdelen 3b, voorzover dit betrekking heeft op het nettogewicht van de dierlijke meststoffen, en 3c van het vervoersbewijs niet ingevuld.
4. Indien de weging van de dierlijke meststoffen na de aflevering, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt, wordt, in zoverre in afwijking van dat lid, terstond na de weging bij onderdeel 3b van het vervoersbewijs het nettogewicht van de dierlijke meststoffen door de vervoerder ingevuld. Indien de weging bij de aflevering, bedoeld in het eerste lid plaatsvindt, wordt in zoverre in afwijking van dat lid, het geschat gewicht niet ingevuld.
5. Voor de toepassing van het eerste lid behoeft bij onderdeel 3b van het vervoersbewijs het combinatienummer uitsluitend ingevuld te worden, indien de betrokken vracht bestaat uit vloeibare dierlijke meststoffen die geanalyseerd worden.
6. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid behoeft bij onderdeel 1 en bij onderdeel 5 van het vervoersbewijs het registratienummer van de opslag uitsluitend ingevuld te worden, indien de desbetreffende dierlijke meststoffen afkomstig zijn uit, onderscheidenlijk worden opgeslagen in een ingevolge artikel 5of 7 van het Besluit voorraden Meststoffenwetaangemelde mestopslag.
7. In zoverre in afwijking van het eerste en tweede lid, kunnen de in die leden bedoelde gegevens ook op het vervoersbewijs worden vermeld door middel van het printen van deze gegevens in de door de Dienst regelingen aangegeven volgorde binnen de daarvoor op het vervoersbewijs bestemde ruimte.
2. De melding, bedoeld in het eerste lid, geschiedt met gebruikmaking van het formulier dat als model X , onderscheidenlijk model VII, VIII, IX , XI, of XII in artikel 4 van de Regeling vaststelling formulieren Wet verplaatsing mestproductieis vastgesteld.
3. Indien de dierlijke meststoffen niet worden geanalyseerd, worden, in zoverre in afwijking van het eerste lid, de onderdelen 3b, voorzover dit betrekking heeft op het nettogewicht van de dierlijke meststoffen, en 3c van het vervoersbewijs niet ingevuld.
4. Indien de weging van de dierlijke meststoffen na de aflevering, bedoeld in het eerste lid, plaatsvindt, wordt, in zoverre in afwijking van dat lid, terstond na de weging bij onderdeel 3b van het vervoersbewijs het nettogewicht van de dierlijke meststoffen door de vervoerder ingevuld. Indien de weging bij de aflevering, bedoeld in het eerste lid plaatsvindt, wordt in zoverre in afwijking van dat lid, het geschat gewicht niet ingevuld.
5. Voor de toepassing van het eerste lid behoeft bij onderdeel 3b van het vervoersbewijs het combinatienummer uitsluitend ingevuld te worden, indien de betrokken vracht bestaat uit vloeibare dierlijke meststoffen die geanalyseerd worden.
6. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid behoeft bij onderdeel 1 en bij onderdeel 5 van het vervoersbewijs het registratienummer van de opslag uitsluitend ingevuld te worden, indien de desbetreffende dierlijke meststoffen afkomstig zijn uit, onderscheidenlijk worden opgeslagen in een ingevolge artikel 5of 7 van het Besluit voorraden Meststoffenwetaangemelde mestopslag.
7. In zoverre in afwijking van het eerste en tweede lid, kunnen de in die leden bedoelde gegevens ook op het vervoersbewijs worden vermeld door middel van het printen van deze gegevens in de door de Dienst regelingen aangegeven volgorde binnen de daarvoor op het vervoersbewijs bestemde ruimte.