BWBR0009152
Geldig vanaf 2009-11-25
Artikel 14
Bewapeningsregeling politie
1. Het pistool, het semi-automatisch vuurwapen, bedoeld in de artikelen 7 tot en met 9en 11, en het automatisch vuurwapen, bedoeld in de artikelen 8en 9, worden geladen met:
a. munitie van het merk RUAG Ammotec GmbH, type Action, model NP, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter, of
b. munitie van het merk RUAG Ammotec GmbH, type Action, model Effect, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter.
2. Het repeteervuurwapen, bedoeld in artikel 9, onderdeel g, wordt geladen met:
a. munitie van het merk Defence Technology, type 23 DS, kaliber 12 (Ø18,2 mm), of
b. munitie van het merk ALS Technologies, type Triton 1212T.
3. Het stroomstootwapen, bedoeld in artikel 9, onderdeel h, wordt geladen met:
a. cartridges van het merk Taser, type 21’ , of
b. cartridges van het merk Taser, type 25’ XP.
a. munitie van het merk RUAG Ammotec GmbH, type Action, model NP, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter, of
b. munitie van het merk RUAG Ammotec GmbH, type Action, model Effect, kaliber 9 millimeter maal 19 millimeter.
2. Het repeteervuurwapen, bedoeld in artikel 9, onderdeel g, wordt geladen met:
a. munitie van het merk Defence Technology, type 23 DS, kaliber 12 (Ø18,2 mm), of
b. munitie van het merk ALS Technologies, type Triton 1212T.
3. Het stroomstootwapen, bedoeld in artikel 9, onderdeel h, wordt geladen met:
a. cartridges van het merk Taser, type 21’ , of
b. cartridges van het merk Taser, type 25’ XP.