BWBR0009132
Geldig vanaf 1998-01-24
Artikel 9
IJkregeling meetwerktuigen
1. De geleidestang van een schuifmaat moet uit één stuk zijn gemaakt.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt dat voor de geleidestang van houten schuifmaten metaalbeslag is toegestaan.
3. De losse dook van een schuifmaat moet zijn voorzien van een index, tenzij het meetvlak van die dook de index vervangt.
4. De lengte van de doken van een schuifmaat moet ten minste gelijk zijn aan het halve meetbereik van de schuifmaat.
5. De meetvlakken van de doken van een schuifmaat moeten loodrecht staan op de geleidestang en moeten in elke stand onderling evenwijdig zijn.
6. Bij houten schuifmaten mogen de meetvlakken van de doken van metaalbeslag zijn voorzien dan wel geheel of gedeeltelijk uit metaal bestaan.
7. De lengte van de slede moet bij metalen schuifmaten ten minste 1/10 en bij houten schuifmaten ten minste 1/6 van het meetbereik bedragen.
8. Noniën en andere hulpinrichtingen die het gebruik van een schuifmaat vergemakkelijken, zijn toegestaan.
9. Een inrichting om de losse dook van een schuifmaat vast te zetten, mag de nauwkeurigheid van de schuifmaat niet benadelen noch de verdeling kunnen beschadigen.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt dat voor de geleidestang van houten schuifmaten metaalbeslag is toegestaan.
3. De losse dook van een schuifmaat moet zijn voorzien van een index, tenzij het meetvlak van die dook de index vervangt.
4. De lengte van de doken van een schuifmaat moet ten minste gelijk zijn aan het halve meetbereik van de schuifmaat.
5. De meetvlakken van de doken van een schuifmaat moeten loodrecht staan op de geleidestang en moeten in elke stand onderling evenwijdig zijn.
6. Bij houten schuifmaten mogen de meetvlakken van de doken van metaalbeslag zijn voorzien dan wel geheel of gedeeltelijk uit metaal bestaan.
7. De lengte van de slede moet bij metalen schuifmaten ten minste 1/10 en bij houten schuifmaten ten minste 1/6 van het meetbereik bedragen.
8. Noniën en andere hulpinrichtingen die het gebruik van een schuifmaat vergemakkelijken, zijn toegestaan.
9. Een inrichting om de losse dook van een schuifmaat vast te zetten, mag de nauwkeurigheid van de schuifmaat niet benadelen noch de verdeling kunnen beschadigen.